Hoofdtekst
Van de drie Poepen
Drie Poepen zouden zich in Nederland verhuren als grasmaaiers. Toen ze in Holland kwamen, bemerkten ze dat ze de menschen niet konden verstaan.
"O," dachten ze, "dan zullen we het Nederlandsch maar gauw leeren door te onthouden wat men ons zegt."
Juist kwamen ze schooljongens tegen, die riepen: "Ah, drie Poepen, drie Poepen, drie Poepen."
"Dat zal ik onthouden," zeide de een: "Drie Poepen."
Toen kwamen ze voorbij een land waar een boer zat te melken.
De koe was lastig en de boer zei: "Omme koe."
"Da's veur mien," zei de tweede: "Omme koe."
Daarop komen ze langs een land waar een boer aan 't ploegen is.
Deze bekijkt de gemaakte voor en zegt: "Dat is recht."
"Nu heb ik ja ook een woord," zegt de derde en zij vervolgen hun weg.
Ze komen aan een dorp waar een moord is gepleegd, en [de mensen] vragen aan de drie vreemde snuiters of zij ook weten wie die moord gepleegd kan hebben.
Niet willende weten dat ze er geen woord van verstonden, antwoordde nummer één: "Drie Poepen."
"Maar dat ben jelui," roept het volk, "waarom heb jelui dat toch gedaan?"
"Omme koe," zegt nummer twee.
"Om een koe, om een koe, dat is verschrikkelijk," jammert men: "Dadelijk naar den galg met hen."
"Dat is recht," zegt nummer drie.
En zoo werden ze opgehangen.
Drie Poepen zouden zich in Nederland verhuren als grasmaaiers. Toen ze in Holland kwamen, bemerkten ze dat ze de menschen niet konden verstaan.
"O," dachten ze, "dan zullen we het Nederlandsch maar gauw leeren door te onthouden wat men ons zegt."
Juist kwamen ze schooljongens tegen, die riepen: "Ah, drie Poepen, drie Poepen, drie Poepen."
"Dat zal ik onthouden," zeide de een: "Drie Poepen."
Toen kwamen ze voorbij een land waar een boer zat te melken.
De koe was lastig en de boer zei: "Omme koe."
"Da's veur mien," zei de tweede: "Omme koe."
Daarop komen ze langs een land waar een boer aan 't ploegen is.
Deze bekijkt de gemaakte voor en zegt: "Dat is recht."
"Nu heb ik ja ook een woord," zegt de derde en zij vervolgen hun weg.
Ze komen aan een dorp waar een moord is gepleegd, en [de mensen] vragen aan de drie vreemde snuiters of zij ook weten wie die moord gepleegd kan hebben.
Niet willende weten dat ze er geen woord van verstonden, antwoordde nummer één: "Drie Poepen."
"Maar dat ben jelui," roept het volk, "waarom heb jelui dat toch gedaan?"
"Omme koe," zegt nummer twee.
"Om een koe, om een koe, dat is verschrikkelijk," jammert men: "Dadelijk naar den galg met hen."
"Dat is recht," zegt nummer drie.
En zoo werden ze opgehangen.
Onderwerp
AT 1697 - "We Three; For Money"   
ATU 1697 - “We Three; For Money.”   
Beschrijving
Drie Poepen besluiten Nederlands te leren door de onthouden wat er tegen hun wordt gezegd, zijnde drie Poepen, omme koe en dat is recht. Hoewel ze de vraag wie een moord in een dorp kan hebben gepleegd niet verstaan, antwoorden ze met de woorden die ze hebben onthouden, met als gevolg dat ze worden opgehangen.
Bron
Collectie Bakker (Archief Meertens Instituut)
Motief
C495.2.2 - “We three”--“For gold”--“That is right”: phrases of foreign language.   
Commentaar
5 november 1900
Zie ook CBAK0482. In een brief van januari 1901 schrijft Bakker aan Boekenoogen: "De drie Poepen hoorde ik als kind aan de Zaan vertellen."
"We Three; For Money"
Naam Overig in Tekst
Poep   
Nederlands   
Naam Locatie in Tekst
Nederland   
Holland   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
