Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

CBAK0215

Een sage (mondeling), woensdag 02 oktober 1901

Hoofdtekst

In de Purmer stond vroeger een groote boereplaats. Daar werd voortdurend kaas gestolen. Dit begon de boereknecht te verdrieten, daar hij er telkens van verdacht werd. Hij zon dus op een list. Op de plaats waar telkens kaas gestolen werd, maakte hij een strik die hij op een bizondere manier bevestigde. Toen 's nachts de dief weerkwam, moest hij om de kaas te pakken zijn hand door de strik steken. Dat gebeurde ook, doch niet zoodra haalde hij zijn hand terug, of de strik reeg toe. Doordien hij trok, werd een vat met zwaarte van de plank afgetrokken, en doordien het vat naar omlaag viel, de dief in de hoogte getrokken.
De boereknecht hoorde dit wel, maar deed net of hij niets bemerkte. De dief hing dus de geheele nacht in de lucht te bengelen. 's Morgens evenwel sneed de knecht het touw door, zoodat de dief op de straat kwakte, doch overigens maakte hij er geen melding van. Na dien tijd werd nooit meer gestolen.
Jaren daarna was de knecht zelf een welgestelde boer geworden. Op een avond wordt er bij hem geklopt. Hij doet open en vijftien man marcheeren deftig naar binnen.
Op zijn vraag wat zij verlangden, zei de hoofdman: "Geen haar van uw hoofd zal gekrenkt worden, doch wij komen bij u feestvieren en vroolijk zijn. Haal dus het lekkerste wat je heb en geef het ons."
Dit gebeurde natuurlijk en de roovers deden zich aan de opgedischte ham en wijn duchtig te goed.
Eindelijk zei de hoofdman: "Nu zou je wel willen weten wie ik ben? Welnu, ik ben de kaasdief van zoo- en zooveel jaar geleden. Kijk maar an me pols. Omdat je me toen niet verraden heb, zal ik je geen kwaad doen. Maar wee je gebeente als je me nu verklapt."
Daarop gingen ze alle netjes weer heen.

Onderwerp

SINSAG 1304 - Der dankbare Räuber.    SINSAG 1304 - Der dankbare Räuber.   

Beschrijving

Boerenknecht weet met een list een kaasdief te vangen, maar laat hem lopen. Jaren later krijgt hij bezoek van een hoofdman met een groep rovers die eten en drinken eist. Op het laatst vertelt de hoofdman dat hij de kaasdief is geweest, en omdat hij toen niet is verraden de boer nu geen kwaad zal doen.

Bron

Collectie Bakker (Archief Meertens Instituut)

Commentaar

2 oktober 1901
Der dankbare Räuber

Naam Locatie in Tekst

Purmer    Purmer   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:21