Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

STSAG042 - In de vroege morgen

Een sage (vragenlijst), 1991

Hoofdtekst

Vraag 3.

In de vroege morgen
Het zal zo'n honderd jaar geleden zijn dat een paar vissers in de prille morgen met de vissersboten wilden gaan snoekvissen. Het was heiig weer en niet ver te zien. Ze waren misschien een kilometer van het dorp verwijderd toen ze beiden iets ongewoons meenden te zien.
Het leek een vissersboot te zijn dat zich op een vreemde wijze voortbewoog. Het leek iemand te zijn die, om niet gezien te worden, op zijn knieën in het boot zat en met zijn vaarboom het bootje voortduwde.
De vissers zagen in de verte dit vreemde schouwspel en fluisterden "Zie jij iets?"
"Ja," mompelde de ander: "Ik zie iets."
Toen de zon meer kracht kreeg kwamen zij naast elkaar te liggen. Hun waarnemingen kwamen overeen. Maar het geval was onverklaarbaar. Enkele dagen later vond men in de rietzoom een kinderlijkje. Was er verbinding met het door hen geziene? Het was en bleef een raadsel.

Beschrijving

Vissers zien dat verderop iemand zich in een boot onzichtbaar probeert te maken. Het is onbekend gebleven of deze waarneming verband heeft met een kinderlijkje dat later in het riet wordt gevonden.

Bron

Vragenlijst 62 (1991) formulier B095p (Archief Meertens Instituut)

Commentaar

Het verhaal wordt geacht 100 jaar oud te zijn

Plaats van Handelen

Eernewoude    Eernewoude   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:22