Hoofdtekst
An de Zunderdorper Gouw danste 's avonds zeven katte poot in poot. Deer spookte het, moet je wete. Nou gong iemand na Zunderdorp en most van heurlui mee danse.
"Dat wil ik wel," zeidie.
Dus hij gaf erlui een hand.
"God, God," zei die, "wat heb jelui kouwe hande."
Vort ware ze, omdat ie God gezeid had. Toe zag ie dat ze om een zilvere beker danste. Hij heb hem mee enome en hem an de kerk van Zunderdorp of Schellingwouw egeve, dat weet ik niet precies meer, maar ze zegge altijd dat ze in Schellingwouw of Zunderdorp nog bewaard wordt.
"Dat wil ik wel," zeidie.
Dus hij gaf erlui een hand.
"God, God," zei die, "wat heb jelui kouwe hande."
Vort ware ze, omdat ie God gezeid had. Toe zag ie dat ze om een zilvere beker danste. Hij heb hem mee enome en hem an de kerk van Zunderdorp of Schellingwouw egeve, dat weet ik niet precies meer, maar ze zegge altijd dat ze in Schellingwouw of Zunderdorp nog bewaard wordt.
Onderwerp
SINSAG 0502 - Der goldene (silberne) Becher.   
Beschrijving
De katten die poot aan poot dansen bevelen een voorbijganger mee te dansen. Als hij ze een hand geeft noemt hij de naam van God als hij zegt dat ze koude handen hebben. Daarmee verdwijnen de katten en laten de zilveren beker waar ze omheen dansten achter. De man neemt de beker mee, en geeft die aan een kerk.
Bron
Collectie Bakker (Archief Meertens Instituut)
Commentaar
2 oktober 1901
Der goldene (silberne) Becher. Becher bleibt nach Katzentanz zurück, weil Vorübergehender, zum Trinken gezwungen, Gottes Namen nennt.
Naam Overig in Tekst
Zunderdorper Gouw   
Schellingwouw [= Schellingwoude]   
God   
Naam Locatie in Tekst
Zunderdorp   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
