Hoofdtekst
DE BIGGETJES VAN GROOTMOEDER
Grootmoeder was naar de markt geweest om biggetjes te kopen en grootmoeder dreef de biggetjes voor zich uit en de biggetjes moesten over een hek springen. Maar de biggetjes wilden niet over een hek springen en grootmoeder moest toch zo nodig naar huis toe.
Toen zei grootmoeder tegen de hond: "Hond, wil jij die biggetjes niet bijten, die biggetjes willen niet over het hek springen en ik moet toch zo nodig naar huis toe."
"Nee," zei de hond.
Toen ging grootmoeder naar de stok.
"Stok, wil je hond slaan, hond wil biggetjes niet bijten, biggetjes willen niet over het hek springen en ik moet toch zo nodig naar huis toe."
"Nee," zei de stok.
Toen ging grootmoeder naar het vuur.
"Vuur, wil jij die stok niet branden. Stok wil hond niet slaan, hond wil biggetjes niet bijten, biggetjes willen niet over het hek springen en ik moet toch zo nodig naar huis toe."
"Nee," zei het vuur.
Toen ging grootmoeder naar het water.
"Water, wil jij het vuur niet blussen. Vuur wil stok niet branden, stok wil hond niet slaan, hond wil biggetjes niet bijten, biggetjes willen niet over het hek springen en ik moet toch zo nodig naar huis toe."
"Nee," zei het water.
Toen ging de grootmoeder naar de koe.
"Koe, wil jij het water niet drinken. Water wil vuur niet blussen, vuur wil stok niet branden, stok wil hond niet slaan, hond wil biggetjes niet bijten, biggetjes willen niet over het hek springen en ik moet toch zo nodig naar huis toe."
"Nee," zei de koe.
Toen ging grootmoeder naar de slager.
"Slager, wil jij die koe niet slachten. Koe wil water niet drinken, water wil vuur niet blussen, vuur wil stok niet branden, stok wil hond niet slaan, hond wil biggetjes niet bijten, biggetjes willen niet over het hek springen en ik moet toch zo nodig naar huis toe."
"Nee," zei de slager.
Toen ging grootmoeder naar het touw.
"Touw, wil jij die slager niet binden. Slager wil koe niet slachten, koe wil water niet drinken, water wil vuur niet blussen, vuur wil stok niet branden, stok wil hond niet slaan, hond wil biggetjes niet bijten, biggetjes willen niet over het hek springen en ik moet toch zo nodig naar huis toe."
"Nee," zei het touw.
Toen ging grootmoeder naar de muis.
"Muis, wil jij dat touw niet doorknagen. Touw wil slager niet binden, slager wil koe niet slachten, koe wil water niet drinken, water wil vuur niet blussen, vuur wil stok niet branden, stok wil hond niet slaan, hond wil biggetjes niet bijten, biggetjes willen niet over het hek springen en ik moet toch zo nodig naar huis toe."
"Nee," zei de muis.
Toen ging grootmoeder naar de kat.
"Kat, wil jij de muis niet bijten. Muis wil touw niet doorknagen, touw wil slager niet binden, slager wil koe niet slachten, koe wil water niet drinken, water wil vuur niet blussen, vuur wil stok niet branden, stok wil hond niet slaan, hond wil biggetjes niet bijten, biggetjes willen niet over het hek springen en ik moet toch zo nodig naar huis toe."
"Ja," zei de kat.
En de kat achter de muis, de muis achter het touw, en het touw achter de slager, en de slager achter de koe, en de koe achter het water, en het water achter het vuur, en het vuur achter de stok, en de stok achter de hond, en de hond achter de biggetjes, en de biggetjes sprongen over het hek en grootmoeder was thuis.
(Noord-Holland)
Grootmoeder was naar de markt geweest om biggetjes te kopen en grootmoeder dreef de biggetjes voor zich uit en de biggetjes moesten over een hek springen. Maar de biggetjes wilden niet over een hek springen en grootmoeder moest toch zo nodig naar huis toe.
Toen zei grootmoeder tegen de hond: "Hond, wil jij die biggetjes niet bijten, die biggetjes willen niet over het hek springen en ik moet toch zo nodig naar huis toe."
"Nee," zei de hond.
Toen ging grootmoeder naar de stok.
"Stok, wil je hond slaan, hond wil biggetjes niet bijten, biggetjes willen niet over het hek springen en ik moet toch zo nodig naar huis toe."
"Nee," zei de stok.
Toen ging grootmoeder naar het vuur.
"Vuur, wil jij die stok niet branden. Stok wil hond niet slaan, hond wil biggetjes niet bijten, biggetjes willen niet over het hek springen en ik moet toch zo nodig naar huis toe."
"Nee," zei het vuur.
Toen ging grootmoeder naar het water.
"Water, wil jij het vuur niet blussen. Vuur wil stok niet branden, stok wil hond niet slaan, hond wil biggetjes niet bijten, biggetjes willen niet over het hek springen en ik moet toch zo nodig naar huis toe."
"Nee," zei het water.
Toen ging de grootmoeder naar de koe.
"Koe, wil jij het water niet drinken. Water wil vuur niet blussen, vuur wil stok niet branden, stok wil hond niet slaan, hond wil biggetjes niet bijten, biggetjes willen niet over het hek springen en ik moet toch zo nodig naar huis toe."
"Nee," zei de koe.
Toen ging grootmoeder naar de slager.
"Slager, wil jij die koe niet slachten. Koe wil water niet drinken, water wil vuur niet blussen, vuur wil stok niet branden, stok wil hond niet slaan, hond wil biggetjes niet bijten, biggetjes willen niet over het hek springen en ik moet toch zo nodig naar huis toe."
"Nee," zei de slager.
Toen ging grootmoeder naar het touw.
"Touw, wil jij die slager niet binden. Slager wil koe niet slachten, koe wil water niet drinken, water wil vuur niet blussen, vuur wil stok niet branden, stok wil hond niet slaan, hond wil biggetjes niet bijten, biggetjes willen niet over het hek springen en ik moet toch zo nodig naar huis toe."
"Nee," zei het touw.
Toen ging grootmoeder naar de muis.
"Muis, wil jij dat touw niet doorknagen. Touw wil slager niet binden, slager wil koe niet slachten, koe wil water niet drinken, water wil vuur niet blussen, vuur wil stok niet branden, stok wil hond niet slaan, hond wil biggetjes niet bijten, biggetjes willen niet over het hek springen en ik moet toch zo nodig naar huis toe."
"Nee," zei de muis.
Toen ging grootmoeder naar de kat.
"Kat, wil jij de muis niet bijten. Muis wil touw niet doorknagen, touw wil slager niet binden, slager wil koe niet slachten, koe wil water niet drinken, water wil vuur niet blussen, vuur wil stok niet branden, stok wil hond niet slaan, hond wil biggetjes niet bijten, biggetjes willen niet over het hek springen en ik moet toch zo nodig naar huis toe."
"Ja," zei de kat.
En de kat achter de muis, de muis achter het touw, en het touw achter de slager, en de slager achter de koe, en de koe achter het water, en het water achter het vuur, en het vuur achter de stok, en de stok achter de hond, en de hond achter de biggetjes, en de biggetjes sprongen over het hek en grootmoeder was thuis.
(Noord-Holland)
Onderwerp
AT 2030 - The Old Woman and her Pig   
ATU 2030 - The Old Woman and her Pig.   
Beschrijving
Een grootmoeder heeft biggetjes gekocht die ze mee naar huis wil nemen. De biggetjes willen niet over een hek klimmen. De vrouw vraagt een hond de biggetjes te bijten. De hond weigert. Dan vraagt de vrouw aan een stok de hond te slaan opdat deze de biggetjes bijt. Ook de stok weigert. Dit gebeurt met een hele reeks dieren en voorwerpen. Dan vindt de vrouw een kat die wel doet wat ze vraagt. De hele reeks wordt nu in werking gezet tot de hond de biggetjes bijt en de biggetjes over het hek klimmen.
Bron
J.R.W. Sinninghe: Volkssprookjes uit Nederland en Vlaanderen. Den Haag 1978, p.174-175
Commentaar
The Old Woman and her Pig
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
