Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

STSAG322

Een broodjeaapverhaal (tijdschriftartikel), zaterdag 20 oktober 1990

Hoofdtekst

Er gaat een vader dood. Hij laat alles aan één zoon na. Zijn broers de pest in natuurlijk. 's nachts, als die jongen slaapt, veranderen ze zijn kamer. Hij wordt wakker en denkt: wat gek. Nee hoor, zeggen die broers, dat is altijd zo geweest. Ze hebben zijn kamer nog drie keer veranderd. Dus die jongen begon ontzettend aan zichzelf te twijfelen. Toen is hij helemaal gek geworden, volkomen krankzinnig.
(Coen van Harten: `Het is nooit te laat voor een gelukkige jeugd', in Elsevier, 20 oktober 1990, p.30)

Beschrijving

Een vader overlijdt en de hele erfenis vermaakt hij aan één van zijn zoons. De broers zijn afgunstig. 's Nachts als de jongen slaapt, zetten de broers in zijn kamer telkens alles anders. De jongen kijkt elke keer vreemd op, maar de broers zeggen niets bijzonders te zien. Uiteindelijk wordt de jongen krankzinnig.

Bron

Coen van Harten: `Het is nooit te laat voor een gelukkige jeugd', in Elsevier, 20 oktober 1990, p.30

Commentaar

20 oktober 1990

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20