Studenten houden een boer zo voor de gek dat hij niets te eten krijgt. Uit boosheid gooit hij een pannetje met saus (doop) over hun hoofd en zegt dat zij die geloven en gedoopt zijn zalig zullen worden, en dat ze dat nu zijn.
Man, zich beroepend op de uitspraak dat de raven brood komen brengen, wil niet werken. Hij gaat weer werken als iemand, waarvan hij denkt dat het de Heer is, hem 's avonds door de schoorsteen sprekend opdraagt te gaan werken en hij datuit angst…