Een meisje heeft last van haar darmen en laat een windje. Een kamermeisje laat een hardere wind. De dokter maakt er een grapje over en het meisje moet zo hard lachen dat ze meteen genezen is.
Een edelman laat een huis bouwen. De bouwmeester doet hem in alles na en dat begint de edelman te vervelen. Hij laat moes koken en geeft de bouwmeester een hele hete kop en zichzelf een koude.