Om te vermijden dat de duivel 's nachts komt karnen, waardoor de volgende dag geen boter gemaakt kan worden, moet 's avonds de pin waarmee de knuppel van een karnmolen vastzit worden weggehaald.
Rechterraadsel:
Toen ik henenging en wederkwam,
Zes levende uit de doode nam,
De zesde maakten de zevende rijk
Wie heeren, raadt dit te gelijk?
Zoo gij heeren dit kunt raden,
Moogt gij mijne man wel braden,
Maar zoo gij heeren dit niet kunt…