Hoofdtekst
Roodkapje
Er was eens een meisje dat Roodkapje heette. Haar moeder vroeg haar of ze door het bos een mand met eten naar oma wilde brengen. Die was ziek.
Roodkapje was nog niet lang op weg toen ze een wolf tegenkwam. 'Waar ga jij naartoe, Roodkapje?' vroeg de wolf. 'Ik breng een mand met eten naar mijn oma, omdat ze ziek is,' antwoordde Roodkapje. 'Is dat zo?' zei de wolf met een gemene grijs en hij rende weg.
De wolf rende meteen naar oma's huis en klopte op de deur. 'Wie is daar?' riep oma. 'Ik ben het, Roodkapje,' zei de wolf met een lief stemmetje. 'Ik heb een mand met eten voor u meegebracht.' 'Kom maar binnen,' zei oma. De wolf ging naar binnen, sprong op oma's bed en schrokte haar in één hap op.
Even later kwam Roodkapje aan bij oma's huis. Ze liep meteen naar binnen en naar het bed toe. 'Oma, wat hebt u een grote ogen,' zei ze. 'Daar kan ik je beter mee zien, mijn liefje,' zei de wolf. 'Oma, wat hebt u een grote oren.' 'Daar kan ik je beter mee horen, mijn liefje.' 'Oma, wat hebt u een grote tanden.' 'Daar kan ik je beter mee opeten, mijn liefje!' De wolf sprong uit bed en schrokte Roodkapje in één hap op.
Een jager liep voorbij en hoorde het lawaai. Hij kwam binnen en zag de boze wolf. Hij hakte de wolf open en daar kwamen oma en Roodkapje naar buiten. 'HOERA!' riepen ze. Toen aten ze het eten uit de mand op en leefden nog lang en gelukkig.
Er was eens een meisje dat Roodkapje heette. Haar moeder vroeg haar of ze door het bos een mand met eten naar oma wilde brengen. Die was ziek.
Roodkapje was nog niet lang op weg toen ze een wolf tegenkwam. 'Waar ga jij naartoe, Roodkapje?' vroeg de wolf. 'Ik breng een mand met eten naar mijn oma, omdat ze ziek is,' antwoordde Roodkapje. 'Is dat zo?' zei de wolf met een gemene grijs en hij rende weg.
De wolf rende meteen naar oma's huis en klopte op de deur. 'Wie is daar?' riep oma. 'Ik ben het, Roodkapje,' zei de wolf met een lief stemmetje. 'Ik heb een mand met eten voor u meegebracht.' 'Kom maar binnen,' zei oma. De wolf ging naar binnen, sprong op oma's bed en schrokte haar in één hap op.
Even later kwam Roodkapje aan bij oma's huis. Ze liep meteen naar binnen en naar het bed toe. 'Oma, wat hebt u een grote ogen,' zei ze. 'Daar kan ik je beter mee zien, mijn liefje,' zei de wolf. 'Oma, wat hebt u een grote oren.' 'Daar kan ik je beter mee horen, mijn liefje.' 'Oma, wat hebt u een grote tanden.' 'Daar kan ik je beter mee opeten, mijn liefje!' De wolf sprong uit bed en schrokte Roodkapje in één hap op.
Een jager liep voorbij en hoorde het lawaai. Hij kwam binnen en zag de boze wolf. Hij hakte de wolf open en daar kwamen oma en Roodkapje naar buiten. 'HOERA!' riepen ze. Toen aten ze het eten uit de mand op en leefden nog lang en gelukkig.
Onderwerp
ATU 0333 - Little Red Riding Hood   
AT 0333 - The Glutton (Red Riding Hood)   
Beschrijving
Onderweg naar grootmoeder met een mand eten komt Roodkapje de wolf tegen die haar vraagt waar ze naar toe gaat. Roodkapje vertelt dat ze naar grootmoeder gaat, waarop de wolf naar grootmoeder's huis gaat, aanklopt, de stem van Roodkapje nadoet, naar binnen mag en grootmoeder opeet. Roodkapje verbaast zich over de grote oren, ogen en tanden van grootmoeder, waarop de wolf die in het bed van grootmoeder ligt, haar opeet. Een jager die lawaai hoort, gaat het huis in, hakt de wolf open waarna Roodkapje en grootmoeder tevoorschijn komen.
Bron
Lucy Cousins. Roodkapje en andere sprookjes. Amsterdam: Leopold, 2009. Oorspr. titel en uitg. Yummy. London: Walker Books, 2009
KB: 5256114
Collectie Roodkapje/Karsdorp
KB: 5256114
Collectie Roodkapje/Karsdorp
Motief
Z18.1 - What makes your ears so big?--To hear the better, my child, etc.   
K2011 - Wolf poses as ”grandmother“ and kills child.   
B211.2.4 - Speaking wolf.   
Naam Overig in Tekst
Roodkapje   
Datum Invoer
2019-03-28
