Hoofdtekst
Er was een – een aantrekkelijke jonge dochter. Aanbidders, of vrijers zou je ook kunnen zeggen, waren er genoeg, en tot haar genoegen. Een vrijer uit de omgeving scheen toch wel haar favoriet te willen – te moeten zijn. Die jongen, die kreeg bij het ’s avonds op straat lopen en op bezoek gaan bij die boerderij, kreeg hij last met de weerwolf, dus de weerwolf sprong hem op de rug. De mensen zeiden zo: ‘Hij krijgt een weerwolf te dragen.’ En doordat hij hem steeds op z’n nek kreeg, werden beiden, ondanks de last die de jongen had, gemeenzaam met elkaar. Als ze dan in de avond om het huis van zijn meisje zwierf, bij Lormans, om haar te ontmoeten, buiten, hing die weerwolf op z’n rug, doch als het meisje de deur voor de jongen opende, stapte de wolf af. Het was in die tijd nog een voordeur waarvan de bovenste helft apart openging, zoals het nog wel door ons gezien is bij de paardenstallen. Praten door de bovendeur, zo bedoel ik. Daar kwam natuurlijk het eerste contact met de bezoeker tot stand, maar al gauw ging ook die onderdeur open. Dan stonden beiden daar tegen de voorgevel van het huis, beschut tegen de westenwind, terwijl de weerwolf zich stil aan hun voeten vleidden. Als dan, door één of ander licht briesje, de slippen van beider blauwe linnen voorschoten, die ook de man droeg destijds, tussen haakjes, een voorschoot, de kop van de weerwolf raakten, dan zuchtte het dier, uit de grond van z’n hart.
Onderwerp
SINSAG 0801 - Werwolf lässt sich tragen.   
Beschrijving
Steeds als een aanbidder 's avonds bij zijn meisje op bezoek ging, sprong bij hem een weerwolf op de rug.
Bron
Radio-uitzending Vonken onder de As (NOS)
Naam Overig in Tekst
Lormans   

