Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

VODA_030_02

Een sage (mondeling), 1973

Hoofdtekst

[Geklingel van servies] Eh… ‘t volgende verhaaltje nu dat is iets eh… waarvan men kan leren dat [geklingel van servies] de mensen vroeger eh… die… die zeien altijd: spot neet mit God, maar ouch neet mit d’n duvel.
En ‘t verhaaltje is dan dat eh… een jonge man uit Montfort die vrijde in ’t Reutje, dat is een gehucht tussen Montfort en Odiliënberg. Hij ging daar eh… ’s zondags naartoe en eh… komt thuis en zo, maar eh… dan moest hij nog al door een streek die nogal bekend stond dat ’t daar spookte. Bij de Goudberg, daar was een brugje over een… over een beekje, Stepkesgraaf, noemden de mensen ‘t, hè, en daar zou ‘t nog wel eens spoken. En toen zeien ze al ‘ns: “Nó Sjang, bis doe neet bang, es doe ’s aoves zoe allein oet ‘t Reutje kumps?”
“Ich bang? Ik bin veur d’n duvel nog neet bang”, zag Sjang.
“Nó,” dachten z’n kameraten, eh… “dat is toch wel een… een eh… een kei”, hè.
“Zouen we ‘m ‘ns op de proef stellen?”, zei de een. Nou, daar werd eens over geboomd en eh… Het kwam d’r op neer dat ze veertien dagen later, toen hadden ze een plannetje klaar. Ze hadden zich uitgedost [geklingel van servies], ze hadden zich d… eh… lange jassen omgehangen, maskers voor ’t gezicht en zoiets wat op hoorns leek op e kop gebonden en… En daar zaten ze te wachten. “Wat zal d’r zich versjrikken. Wat zal d’r bang zien”, zagte z… zeiden ze onder mekaar.
Zo zaten ze met hun drieën op die boomstam en dan kwam de maan even door en ene keer zei Graad tegen Peer: “Peer, v..v..v...v..v..v’r… v’r… v’r zeen mit v..v..v..veer.”
En ze keken. En Peer stootte Driek aan: “D..D..D..Driek! V..v..v..v...v’r zeen mit v..v..veer.”
Op een voet afstands van Sjang zat een duivel veel groter als een van hun. [Klapt.] En ze vlogen ontzet overeind en toen zei die ene duivel met een grafstem: “Ha, hie höb ich een paar gooj knechte. Die werken al veur mich zónger det ik eur get gezag höb. Kómp geer ens mit, menke.” En hae griep zich Peer vas en hae riet Peer ‘t kamezäölke [= gilet] aop.
En noe moet ik… noe moet ik even vertellen, dat de boerenmensen vroeger, en ook veel boerenmensen nu nog, een scapulier droegen. En dat was een medaille, soms die ingenaaid was, maar soms was… was d’r helemaal geen… geen medaille bij. Zo'n medaille namelijk, bij ‘t werken en zo, hinderde die. Die maakte… ja, je huid raakte door en ‘t was hinderlijk en dan was ‘t een medaille ofwel was ‘t eh… eh… gewijde eh… dingen op mekaar genaaid met een kruis d’r in en dan was d’r een beeld van Onze Lieve Vrouwe in of zoiets, hè. In alle gevallen: daar ging een… een zegenende en gewijde kracht van uit.
En toen die duivel Peer met zijn kiel pakte, toen reet hij hem bij de hals zijn kiel open en toen kwam dat kruis van dat scapulier bloot. En d’r kwam een geweldige donderslag en de duivel was verdwenen en zij stonden daar en ze zijn… hebben zich de duivelskleren uitgetrokken en zijn heel stil en bang naar huis gegaan. Zo is Peer door het scapulier van de duivel gered geworden.

Onderwerp

SINSAG 0904 - Der vierte Mann. Teufel als Kartenspieler erkannt am Bocksfuss (Pferdefuss).    SINSAG 0904 - Der vierte Mann. Teufel als Kartenspieler erkannt am Bocksfuss (Pferdefuss).   

SINSAG 0945 - Andere Begegnungen mit dem Teufel.    SINSAG 0945 - Andere Begegnungen mit dem Teufel.   

Beschrijving

Een jongeman, Sjang, had een liefje in een ander dorp. Op zondagen ging hij naar haar toe, maar als hij dan ’s avonds weer naar huis ging, moest hij door een streek waarvan werd gezegd dat het daar spookte, vooral bij een bruggetje over een beekje. Zijn vrienden vroegen hem of hij niet bang was, maar de jongeman zei voor de duivel nog niet bang te zijn. Daarop besloten zijn drie vrienden, Graad, Peer en Driek, een grap met hem uit te halen en hem te laten schrikken. De drie vrienden verkleedden zich als duivels en verstopten zich bij het bruggetje in afwachting van Sjang.
Terwijl ze daar, verkleed als duivels, zaten te wachten ontdekte één van de vrienden dat ze met z’n vieren waren. Angstig waarschuwde hij de andere twee. De vrienden schoten overeind en zagen een echte duivel, veel groter dan henzelf. De duivel greep één van de jongens, Peer, bij zijn kleren. Daarbij scheurde de kleding van de jongen open en werd diens scapulier, met een kruis en een beeltenis van Maria, zichtbaar. Met een geweldige donderslag verdween de duivel. Peer was gered door zijn scapulier.

Bron

Radio-uitzending Vonken onder de As (NOS)

Motief

G303.16.3.1 - Devils driven away by cross.    G303.16.3.1 - Devils driven away by cross.   

Commentaar

de Stepkesgraaf m /stæpkʲes'ɣ̊r̥à:f/
(waternaam) de waterlozing tösse de Sluffert en ’t Vlaot
(bron: https://li.wiktionary.org/wiki/Stepkesgraaf)
---
Bij het "Mofers Woardebook" van Dr. Pierre Bakkes (Montfort : Stichting Mofers Waordebook, 2007) zit een losse kaart van Montfort e.o. van voor de ruilverkaveling van 1955. Hierop zijn Stepkesgraaf en de Goudberg te vinden.
---
In het document dat bij dit geluidsbestand hoort staat "boek" met de hand erbij geschreven. Wellicht is dit verhaal dus ook gepubliceerd in een boek.

Naam Overig in Tekst

Sjang    Sjang   

Graad    Graad   

Peer    Peer   

Driek    Driek   

Onze Lieve Vrouwe    Onze Lieve Vrouwe   

Naam Locatie in Tekst

Montfort    Montfort   

Odiliënberg    Odiliënberg   

't Reutje    't Reutje   

Goudberg    Goudberg   

Stepkesgraaf    Stepkesgraaf   

Plaats van Handelen

Goudberg bij Reutje    Goudberg bij Reutje