Hoofdtekst
Ja, dat was een jongen van Eijs en die ging naar Sibbe vrijen.
En, als hij dan daar wegging, 't 's-avonds naar huis, dan kwam altijd een witte hond met hem, tot aan de Eijser-linde en dan was hij foetsie. En als hij dan de Zondag erna naar het meisje ging, dan wist die alles wat gebeurd was onderweg, of hij ergens binnen was gegaan of zoiets, dan wist die dat.
Ja, en toen zei die jongen, dat meisje waar ik naar vrijen ga, ik geloof zeker dat dat een heks is, die weet alles. Maarrrrr,.... ik maak het uit,..... zei hij. Ik weet 't niet,.... zei hij,......... ik maak het uit met haar, ik heb geen zin meer om naar haar toe te gaan.
Maar hij kon niet van haar afkomen en is trouwens ook met haar getrouwd.
En, als hij dan daar wegging, 't 's-avonds naar huis, dan kwam altijd een witte hond met hem, tot aan de Eijser-linde en dan was hij foetsie. En als hij dan de Zondag erna naar het meisje ging, dan wist die alles wat gebeurd was onderweg, of hij ergens binnen was gegaan of zoiets, dan wist die dat.
Ja, en toen zei die jongen, dat meisje waar ik naar vrijen ga, ik geloof zeker dat dat een heks is, die weet alles. Maarrrrr,.... ik maak het uit,..... zei hij. Ik weet 't niet,.... zei hij,......... ik maak het uit met haar, ik heb geen zin meer om naar haar toe te gaan.
Maar hij kon niet van haar afkomen en is trouwens ook met haar getrouwd.
Onderwerp
SINSAG 0608 - Andere Begegnungen mit Hexentieren.
  
Beschrijving
Meisje moet heks zijn, want als jongen weggaat loopt een witte hond een stuk mee, en de volgende keer weet het meisje wat er onderweg is gebeurd.
Bron
Collectie Brouwers, verslag 28, verhaal 2 (Archief Meertens Instituut)
Naam Overig in Tekst
Eijser-linde   
Naam Locatie in Tekst
Eijs   
Sibbe   
