Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

PGROOT13

Een personal narrative (mondeling), donderdag 28 november 1996

Hoofdtekst

G: meneer Groot
M: Theo Meder

M: "Vindt u het heel erg als ik rook?"
G: "Nee, helemaal niet. Mijn vrouw rookt ook. En ze zou het zo graag niet doen, maar ze vindt dat erg moeilijk. Het is ook nog slecht voor haar gezondheid, maarre..."
M: "Ik ga nog even terug naar het vertellen. Ik heb een paar namen van vertellers die rond 1900 nog leefden, maar dat waren toen natuurlijk al betrekkelijk oude mensen. Maar ik wilde toch even kijken of u een bepaalde naam iets zegt. D'r is een verteller - dat is zelfs eigenlijk de grootste verteller bij Bakker - en dat is Dirk Schuurman, en dat is een veehouder."
G: "Ja!"
M: "Die heeft u nog gekend?"
G: "Nee. Maar wel de kinderen daarvan. En dat waren kermisreizigers. Maar ik heb Schuurman als boer hier niet gekend; da's voor mijn tijd geweest. Want ik ben van 1910."
M: "Ja natuurlijk. Dat realiseer ik me wel. Maar ik dacht: misschien weet u het dan toch nog uit verhalen..."
G: "De naam is bekend. Want de Schuurmannen hebben hier nog jaren gewoond. En de laatste Schuurman was een kermisreiziger. Die stond met een schiettent."
M: "En Kees van de Nadort?"
G: "Ja!"
M: "Van gehoord ook?"
G: "Die had een zoon, dat was Jaap van de Nadort. En Jaap van de Nadort, die was even oud als mijn vader en moeder."
M: "Ja, dat kan wel kloppen ja."
G: "Enne, daar zal ik u wat van vertellen. Ik liep op school. Ik zat in de eerste en tweede klas, bij de juffrouw. En daar liep een dochtertje van Jaap van de Nadort: dat was Klaassie van de Nadort. En ik kwam op een middag thuis uit school - toen zaten we in de tweede klas, we konden net schrijven - toen had Klaassie, die had me een brieffie geschreven. En daar stond op, dat ze me zo lief vond. Toen kwam ik bij m'n moeder: 'Kijk eens moe, ik heb een brieffie van Klaassie'. Nou, dat is toch fantastisch. Vier jaar geleden toen hield de openbare school een reünie van oud-leerlingen. Toen heb ik Klaassie gesproken. Toen waren we allebei tachtig. 'Zeg Klaassie, weet je 't nog?' Ze zegt: 'Ja!' Ja, Klaassie van de Nadort."
M: "En wat was dat voor een familie?"
G: "Van de Nadort die was melkslijter in Amsterdam."
M: "Dus die ging met die melk op de boot..."
G: "Ja, hij woonde hier en hij ging naar de stad melk venten. En ik had een kameraad, die z'n vader melkslijter was. En die kameraad van me, die werd boer - ook al weer zo'n boer, zo'n kleine boer van een koe of tien. Die ging tegelijk met mij op de landbouwschool. En dat 'ie 22 was, toen kocht 'ie een melkwinkel in de Jordaan. En toen werd 'ie boer, die kameraad van me, die werd melkboer in de Jordaan, in de Lauriërstraat. En in de oorlog - wij pandoerden met de kameraden, en hij zat in de Jordaan - maar in de oorlog ging ik met mijn kameraden naar de Jordaan pandoeren, een avond, bij m'n kameraad."
M: "Ja ja. Nog een andere naam: Jan Vet."
G: "Jan Vet heb ik ook gekend. En Jan Vet had een dochter, die dochter was getrouwd. Die dochter heette Geert Vet, en die was getrouwd met Ruiterman. En een kleinzoon van die Ruiterman, die zit hier aan de hoveniersdienst."
M: "En Jan Vet was ook weer veehouder?"
G: "Nee, dat weet ik niet. Ik denk het niet."
M: "Dan was er nog een mevrouw Houtman-Honingh. Honingh heette ze van haar meisjesnaam, en ze was met een Houtman getrouwd."
G: "Die vrouw, die was getrouwd met Siep Houtman. En Siep Houtman die was boer en tevens melkslijter in Amsterdam. D'r heeft hier vroeger de Noordhollandse Tram gereden en toen zat 'ie in 't stationnetje, tevens café, van de Noordhollandse Tram. Als je nou Broek inrijdt, rij je over de grote weg. Maar vroeger ging die weg, ja... Vroeger liep de weg aan de andere kant van de vaart, daar was het tramstation. Dat was Siep Houtman. En Siep Houtman was één van de mannen waar mijn vader een kaartrondje mee had. Pandoeren."
M: "En de naam Dirk Bregman, zegt u die wat?"
G: "Ja! D'r zaten hier verschillende Bregmannen. Ook een melkslijter."
M: "Dan nog: Jan Visser."
G: "Tja Visser, die heb je veel. D'r woonde hier... Jan Visser. D'r wordt verder niks van gezegd? Enkel de naam?"
M: "Dat is het vervelende. Meestal schrijft Bakker alleen maar de naam, soms niet eens, van de verteller. En die naam komt een keer voor."
G: "D'r zat hier een oude familie Visser en dat was een barbier. En d'r zat een Visser die was koster van... orgeltrapper en omroeper: dat was Eldert Visser. Maar of Eldert Visser nou familie is van Jan Visser, dat weet ik niet. Maar een andere familie Visser, die hadden een zoon, en die was net zo oud als ik, en die heette ook Jan Visser. En of die z'n vader nou ook Jan Visser heette, dat weet ik niet. Maar het is een bekende familienaam."
M: "Dan wordt er nog genoemd de naam Jacob Beets."
G: "Die komt van Uitdam."
M: "O, dat kan kloppen ja."
G: "Ja. Daar komen de Beetsen vandaan. Het nageslacht woont er nog, op 't dorp."
M: "En dan uit Zuiderwoude: ene Dirk Knip."
G: "Ja! Heel bekend. Dirk Knip. Dat was een boer en d'r was ook een Knip, die was caféhouder."
M: "Het zal wel weer een boer zijn, want het zijn haast allemaal boeren, vissers en boerenknechten."
G: "'t Is een echte Zuiderwouder naam. Dat is weer zo'n... Dat ik op school liep, en ik zat in die derde-vierde klas, toen kreeg ik de eerste lessen in aardrijkskunde. En wat deed meester? Hij hing de plattegrond van Broek in Waterland aan de muur; hij nam een stok, wijst een huis an, en dan moest je zeggen wie d'r woonde. Dat is het eerste begrip van aardrijkskunde: plaatsen, dus huizen. Meester - dat was dezelfde meester Schoemaker - die wijst een (nee, dat was Schoemaker dus niet. 't Was in de vierde klas, 't was Wiedemeyer) wijst een huis an, en ik zeg: 'Gerrit Mulder'. 'Is dat een vriendje van je?' 'Nee meester'. 'O. Dan zeg je: Mulder. En dan zeg je niet: Gerrit Mulder'. Zo was dat. Gerrit Mulder - nee: Mulder. Nou zeg je meneer Mulder, maar meneer en mevrouw was er vroeger niet bij. Vroeger was het Mulder en vrouw Mulder. En tegen de vrouw van de dokter zei je mevrouw, en tegen de vrouw van de dominee zei je mevrouw, maar voor de rest was het allemaal vrouw. Vrouw Groot, vrouw... Maar, dat weet ik nog van de aardrijkskunde. 'Gerrit Mulder, is dat een vriendje van je?'"
M: "U kwam d'r op toen ik zei de naam Dirk Knip."
G: "Ja."
M: "Die zat ook bij u in de klas?"

Beschrijving

De oude vertellers van Cornelis Bakker heeft meneer Groot niet meer gekend, maar de namen herkent hij uit verhalen en hij kent de families.

Bron

n.v.t. (interview, band archief Meertens Instituut)

Commentaar

28 november 1996

Naam Overig in Tekst

Dirk Schuurman    Dirk Schuurman   

Kees van de Nadort    Kees van de Nadort   

Jaap van de Nadort    Jaap van de Nadort   

Klaassie van de Nadort    Klaassie van de Nadort   

Jan Vet    Jan Vet   

Geert Vet    Geert Vet   

Ruiterman    Ruiterman   

Houtman-Honingh    Houtman-Honingh   

Siep Houtman    Siep Houtman   

Noordhollandse Tram    Noordhollandse Tram   

Dirk Bregman    Dirk Bregman   

Jan Visser    Jan Visser   

Eldert Visser    Eldert Visser   

Cornelis Bakker    Cornelis Bakker   

Jacob Beets    Jacob Beets   

Dirk Knip    Dirk Knip   

Arend Schoemaker    Arend Schoemaker   

Wiedemeyer    Wiedemeyer   

Gerrit Mulder    Gerrit Mulder   

Naam Locatie in Tekst

Amsterdam    Amsterdam   

Jordaan    Jordaan   

Lauriërstraat    Lauriërstraat   

Broek in Waterland    Broek in Waterland   

Uitdam    Uitdam   

Zuiderwoude    Zuiderwoude   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:21