Hoofdtekst
M: Theo Meder
M: "Ik ben bijna door mijn vragen heen. Het wordt trouwens ook tijd dat ik zo eens opstap. Ik heb nog één vraag eigenlijk. D'r wordt wel gezegd, dat die verhalen hier nog zo lang hebben gecirculeerd - hè, die verhalen die ik dan net noemde: die sagen, en al dat bijgeloof - dat kwam, zeggen ze dan, omdat het hier zo'n geïsoleerd gebied was."
G: "Nee."
M: "Maar dat was het niet?"
G: "Nee. Dit is nooit een geïsoleerd gebied geweest. Als je nou praat over een béétje geïsoleerd... Marken! Dat was een eiland. Daar zat je op een hooppie. Nou ja, en dan noem je Holysloot: daar was geen verbinding. Geen tramverbinding, geen busverbinding, niks. Dat waren meer geïsoleerde plaatsies. En Uitdam: ook zo'n gehucht eigenlijk van enige honderden mensen."
M: "Maar hier was best nog contact met Amsterdam?"
G: "Ja. Dagelijks contact met Amsterdam. Denk alleen maar aan die dertig melkslijters, die alle dagen naar de stad gaan. In het hart van de stad."
M: "Ja, daar moest ik dus ook steeds aan denken, toen ze zeiden: 't is zo geïsoleerd. Ik dacht: ja, elke dag gaan al die melkventers..."
G: "Die melkboeren hadden ook wel verstand. Die zeiden: je mag het wel gelijkmaken bij me. Als u begrijpt wat ik bedoel."
M: "Nee?"
G: "Nou, in de warme buurt."
M: "Ja ja."
G: "Ja, want daar zaten ze ook natuurlijk. Die hebben wel een hoop meegemaakt, hoor."
M: "Was er trouwens ook veel toerisme?"
G: "Ja. Altijd geweest. Hier vaarde, zeg maar vanaf 1890, een vreemdelingenboot, een min of meer luxe stoomboot, die dagelijks vreemdelingen, vaak buitenlanders, van Amsterdam, Broek, Monnikendam, Marken, Volendam en terug... Die vaarde in de zomer alle dagen. En de Noordhollandse Tram die had ook een speciale vreemdelingentram, die ook alle dagen reden. En d'r was hier twee modelboerderijen, die te bezichtigen waren. Daar werd kaas gemaakt, en kaas verkocht, en melkprodukten. En de kerk. En d'r was nog een Broekerhuis, waar nou het pannekoekenhuis is. Dat was toen een oud Broeker huis met een bedstee en met alles d'r op, net wat je op 't park ook ziet. Maar dat vreemdelingenverkeer dat is hier altijd druk geweest. Ook veel Amerikanen. En dat is nog. Die modelboerderijen die zijn opgeheven, maar d'r is nou evengoed een vreemdelingen-industrie: een klompenmaker en die heeft meteen een hele grote, ja, laten we maar zeggen curiositeiten-winkel."
M: "En daar komen nog steeds mensen op af."
G: "En d'r worden ook nog zogenaamd klompen gemaakt. Dat ken je dan zien, en je kan klompen kopen. Maar 't vreemdelingenbezoek... Ook al omdat het een mooi oud dorp is, met oude houten huizen. Want wat je hier ziet in 't dorp, al die houten huizen dat kun je op de Veluwe niet vinden. Wel in de Zaanstreek. Daar heb je de Zaanse Schans. En in die oude dorpen: Oostzaan en zo. Het is een mooi oud dorp. Gunstig gelegen. Vandaar dat die ouwe huizen... Dat houten huis wat je hier door het raam ziet staan, dat is een maand geleden verkocht voor naar mijn schatting 600.000 gulden. [En dan moest de nieuwe eigenaar eerst nog de boktor verwijderen. Maar zo duur zijn die huizen.] En ja, hoe komt dat? U stapt straks op de bus. U rijdt tien minuten en u staat op het Damrak."
M: "Het is heel dicht bij Amsterdam en toch ja, rustig gelegen..."
G: "Rustig gelegen."
M: "..., mooi."
Beschrijving
Bron
Commentaar
Naam Overig in Tekst
Noordhollandse Tram   
Broeker Huis   
Amerikanen   
Zaanstreek   
Naam Locatie in Tekst
Marken   
Holysloot   
Uitdam   
Amsterdam [Wallen]   
Broek in Waterland   
Monnikendam   
Volendam   
Veluwe   
Zaanse Schans   
Oostzaan   
Damrak   
