Hoofdtekst
Een oed vromens aat de kwaon haand ip me dochter geleid. Ze schreemde dag en nacht. Me vrouwe gienk no den deken. Je beloofde da zo stief dat ’t zweet ip ze boek liep. U ze werekwam, zweeg het, en ’t èt e dag en e nacht geslapen.
Beschrijving
Een man liet de deken komen voor zijn dochter die door de kwade hand was geraakt en die daardoor dag en nacht huilde. De geestelijke moest zoveel inspanning doen dat de zweetdruppels op zijn boek vielen.
Toen de schuldige vrouw een volgende keer langskwam, zweeg het kind. Daarna heeft het kind dag en nacht geslapen.
Toen de schuldige vrouw een volgende keer langskwam, zweeg het kind. Daarna heeft het kind dag en nacht geslapen.
Bron
M.-R. Nijsters, Leuven, 1969
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (nw van houtland)
36.2
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Gistel   
