Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

MVAND0125_0125_33155

Een sage (mondeling), 1964

Hoofdtekst

T’er was enen die te vrijen ging en als hij naar huis ging, hij had een klein honneken bij, en onder de bane waren er drie huizen die mee den boôgaard aan mekaar hingen, en daar stond ne persoon in den hoek van d’hage te luisteren. En op den hof, in een ander huis stond er ne groeten vlierboom boven de pompe, en daar stonden ze mee tween Latijn te klappen (spreken) en hij stond dat af te luistern, den dien die in den hoek van d’hage stone, maar hij en zei niet; en dat honneken begon altijd maar tussen diëne vent zijn benen te kruipen – en ze zeggen dat nen hond bewust is van toverije dat ze dat gewaarworden en daarop begon diëne persoon te lopen zo veel als dat hij en kost, zodanig dat hij zijn honneken verloor! En als hij thuiskwam vertellegen hij dat aan zijn broere; en zijn broere ging ’s anderdaags naar ’t land werken, en ging bij zijn lief en vertellegen wat dat zijn broere tegengekomen was. En diën persoon die betoverd was ging mee zijne kruiwagen naar ’t land achter klavers; en hij begost die klavers te laaien en nog te laaien; en die vrouwe komt bij hem en zegt: “Is dat waar Pier dat ze bij u komen toveren?” En Pier zei: “Ga maar voort, ‘k en weet niet”, en hij laaidegen zijne kruiwagen klavers, maar iedere ruifel (schop) klavers die hij erop smeet werd er weer afgesmetenj: en Pier maaktegen hem kwaad. En ’s anderdaags hoordegen diëne persoon waar d’ak eerst van sprak zeggen dat Pier zot was; en hij ging bij hem en zei: “Pierken, g’en moet niet schouw zijn want gij en zult er niet van hougen.” En z’hebben Pier dan naar een gesticht gevoerd en hij was genezen. Dat is echt gebeurd; ik ken diëne persoon die daar gepasseerd was, en dat was ne persoon van Velzeke; en dat was een vrouwe van ginder die dat betoverd had en diëne persoon van Velzeke kwam voor dat ’t ontdoen en dat was dat Latijn. Diëne persoon die dat vertellegen aan zijn broere had dat mislukt, en en had zijn broere dat niet verteld ’t zou gegaan hebben!

Onderwerp

SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste    SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   

Beschrijving

Een man kwam met een klein hondje terug van een bezoek aan zijn vriendin. Onderweg zag de man iemand die in de hoek van een haag stond te luisteren naar twee buren die Latijn aan het spreken waren. De man zag dat zijn hondje de hele tijd bang tussen zijn benen kroop. Omdat de man zelf ook bang was geworden, liep hij snel naar huis. Bij zijn thuiskomst vertelde de man aan zijn broer wat hij had meegemaakt. Toen de man de volgende dag klaver in zijn kruiwagen aan het laden was, werd iedere schep klaver er meteen weer af gegooid. Terwijl de man daar aan het werk was, kwam er een vrouw naar hem toe, die sprak: “X, is het waar dat ze bij jou komen toveren?” Omdat sommige mensen geloofden dat de man gek was, werd hij naar een instelling gebracht. Een tijdje later was hij genezen en mocht hij naar huis komen. In werkelijkheid had de man een geval van betovering ongedaan gemaakt. Een vrouw van Velzeke had namelijk iemand betoverd en twee mannen die Latijn spraken, waren ter plaatste gekomen om de toverij ongedaan te maken. Omdat de man aan zijn broer had verteld wat hij had meegemaakt, heeft men nog kunnen ingrijpen.

Bron

M. Van Der Linden, Leuven, 1964

Commentaar

2.1 Heksen
oost-vlaams (denderstreek)
307
fabulaat

Naam Overig in Tekst

Latijn    Latijn   

Naam Locatie in Tekst

Steenhuize-Wijnhuize    Steenhuize-Wijnhuize   

Plaats van Handelen

Velzeke    Velzeke