Hoofdtekst
wô salpeiter is, in een wei wô ne put was en wô het nat was, dô kam vruger e wôzelichske; da kam öt de grond in nen bol en ging in nen boem.
Beschrijving
In een vochtige weide waar salpeter was, verscheen soms een dwaallichtje. Dat lichtje steeg op uit een put. In de gedaante van een bol vloog het dan naar een boom.
Bron
A. Abeels, Leuven, 1965
Commentaar
1.3 Vuurgeesten
limburgs (sint-truiden)
68
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Zepperen   
