Hoofdtekst
Dat wos nen Orson Beernaert die met zijn zusters nor Gotelartjes ging met ulder kantwerk dat ze gemakt an. En ze mosten dor passeren lansen ’t kasteel van Vonderbeke. En o ze werekeerden, ’t stoend dor e hele reke grote, hoge bomen en de katten speelden dorup. Ze sproengen van den ene boom up den andern. En Orson wos niet benauwd mor dat vrovolk wos stief benauwd.
Onderwerp
SINSAG 0333 - Spuktier erschreckt Wanderer (und begleitet ihn).   
Beschrijving
Een man ging met zijn zussen naar Gotelartjes om er kantwerk te verkopen. Toen de man op de terugweg voorbij het kasteel van Vonderbeke kwam, zag hij daar een hele rij hoge bomen, waarop katten zaten te spelen. De man was niet bang, maar zijn zussen wel.
Bron
S. Top, Leuven, 1964
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (vrijbos)
191I
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Orson Beernaert   
Vonderbekekasteel (Hooglede)   
Naam Locatie in Tekst
Hooglede   
Plaats van Handelen
Vonderbeke   
Gotelartjes   
