Hoofdtekst
2 Maar de heksen die werden heks verklaard. Neem nu een oude vrouw die zo langs de straat slenterde in de winter - daar was geen licht - en daar gebeurde ergens iets, een ongeluk of zo. Dat was die heks geweest. En hoe meer (mensen) die dat wisten, hoe meer, hoe zekerder dat het een heks was. Maar het is daarmee gelijk met alles. Daar zijn mensen die een verbeelding hebben, die, waar of niet waar, maar bij hen is het waar. En die maken dat waar tegen wil en dank. En dan werd dat verder verteld. Maar hoe verder dat dat ging … Ge weet ‘de proposen van de vinger en de arm’ (= van een mug een olifant maken);I Ja.2 Awel, en zo was dat daarmee ook.
Beschrijving
Als er in het donker een oude vrouw langs de weg slenterde en er toevallig ergens een ongeluk gebeurde, dan geloofde men dat die vrouw een heks was.
Bron
H. Schoefs, Leuven, 1996
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (groot-riemst)
2B 4
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Zussen   
