Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

LOMBO474

Een personal narrative (mondeling), woensdag 08 maart 2000

Hoofdtekst

MJ: "Maar ik heb d'r geen problemen mee gehad, hoor, met de nonnen, wat ze altijd zeggen. Zo is het op mij niet overgekomen, hoor. Want die juffrouws die d'r tussendoor liepen, die konden nog veel vervelender zijn als die nonnen, hoor. Maar, nou had ik natuurlijk... mijn vader was in november gestorven, toen ik in de eerste klas zat. Dus dan heb je natuurlijk wel dat ze een beetje rekening met een kind hielden. En daar moet je dan weer voor bij de nonnen zijn! Dat ze je echt een beetje... ze hoefden me niet te ontzien, maar toch, ze hielden toch wel een beetje rekening... Vonden wij, hoor!"
MvD: "Wat aardig. Dat merkte je ook?"
MJ: "Ja. Ik vond het wel. Tòt ik in de zesde klas zat, en d'r Canadezen in de school kwamen - toen was de school bezet. Dus dat is in '45, net na de oorlog. En toen hadden we hier een straatfeest. En toen ging mijn zus, ging staan te zingen. Iedereen werd gevraagd of 'ie dat kon, en mijn zus kon heel mooi zingen, en die ging liedjes zingen. Toen kwam er een Canadees, en die kwam met mijn oudere broers aan de praat. En dat vlotte zo goed, dat die man - dat was een vader van een klein kind - die is een paar dagen daarna weer teruggekomen, koffie gedronken, ging 'ie met mijn broers schaken, en zo kwam die man hier zo'n paar weken. 't Was allemaal zes, acht weken en dan waren ze allemaal weer weg. En mijn zus en ik, wij vonden dat wel mooi natuurlijk. Dat is toch interessant!"
MvD: "Hij sprak Engels natuurlijk."
MJ: "Ja. Dat hadden we hier wel een beetje opgevangen natuurlijk, hè? Dus wij daarheen. Nou, we kregen een tennisbal van hem, een keer. Nou, je was de wereld te rijk. Totdat we... Ik zat dus in de zesde klas. Op een gegeven moment zegt die zuster: 'Wie praat er wel eens met een Canadees?' Want dat mocht niet. Dat was uniform, hè? Daar waren de nonnen tegen. Ik stak helemaal trots mijn vinger op. Ik denk: dat zullen ze wel heel interessant vinden. En ze wordt me toch kwaad! 'Weet je moeder dat?' Ik zeg: 'Natuurlijk. Hij komt bij ons thuis.' Was ze helemaal... moest mijn moeder naar school komen. Een hele rel. Toen merkte ik het in mijn punten van die non. Want daar had ik Nederlandse taal van, en toen merkte ik het. Ze drukte meteen je punten."
TM: "Maar waarom mocht dat nou niet?"
MJ: "Nee, daar waren die nonnen heel... een militair, dat was uniform, nee, daar waren ze heel erg tegen. Dat hoorde niet. [...] Maar mijn moeder stond daar boven. Die zei: 'Daar hebt u helemaal niets mee te maken.' Ze zegt: 'Als ik het goed vind dat mijn kinderen...' Die man komt bij ons thuis - we hebben later nog contact gehad, foto's opgestuurd - gewoon; het was een bankdirekteur. Dus d'r was helemaal niks aan de hand met die man. Die kwam met mijn broers schaken, en dammen, en die man vond het heerlijk dat 'ie hier kon komen. Ja, het duurde acht weken, want daarna was 'ie weer weg natuurlijk, hè? We hebben nog jaren contact met hem gehad."
(Verteld te Lombok op 8 maart 2000)

Beschrijving

Kort na de bevrijding kwam er regelmatig een Canadees aan huis; hij kwam dan schaken met de broers van de vertelster. Toen de nonnen op school vroegen, wie er wel eens contact had met een Canadees, stak vertelster trots haar vinger op. De nonnen waren daar echter ernstig op tegen. De moeder is nog op school komen zeggen, dat de nonnen zich daar niet mee moesten bemoeien. De Canadees was een bankdirekteur, die na acht weken weer vertrokken is.

Bron

Interview 8 maart 2000 (bandopname archief Meertens Instituut)

Commentaar

8 maart 2000

Naam Overig in Tekst

Canadees    Canadees   

Canadezen    Canadezen   

Tweede Wereldoorlog    Tweede Wereldoorlog   

Engels    Engels   

Nederlands    Nederlands   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:21