Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

STOP0126_0127_20961

Een sage (mondeling), 1964

Hoofdtekst

Je weet in den oeden tijd, goengen z’ol uut in velo, in e complotje (groepje). ’t Woren vroeger schietingen gedon achter wilde duven en Spaansche duviges. Zodus, mijn vader en zijn kameraad makten èn akkoord om duven te gon schieten in de sparrebusschen. Ja, zodus, ze kommen dor olzo roend ten tween, ten drien in de bus en ze zagen dor nieten anders dan duven, valkduviges, Spaansche duviges en dat hoeng in een dikte an de takken. Zodus, ze lein zieder an om te schieten. Den eersten die schoot had nieten. Den tweeden had ook nieten. Wuk dat ze zieder oook schoten, z’an nieten. Ze stoen toen van werekanten te schieten dat ’t ketterde mor z’an nog oltijd nieten. Ze wandelden voort in de dreve en ze zien dor lik etwot zitten oender e mantel. "En joengetjes", zegt ze, "e jol e bitje vangste?" "Neeuw (neen)! ’t Zitten d’er genoeg mor me krijgen ze niet." Mijn vader zei toene: "Daj gij hier niet en wore, voor mijn gedacht, ’t zoed hier zeker wel beter gon?" "En peins je gieder dat dat an mijn liegt (ligt)?" "Jouw (ja)", zein ze, "m’èn wieder zuk e gedacht." "Ewel, o dat ozo is, ‘k gon ik voortgon" zei Liete. En ze ging voort in de dreve. Zodus, ze lein zieder were an en ol dat ze zieder zagen, wos hier en ’t dor e duvige. En gelukkiglijk, ze kosten zieder hier en ’t dor e duvige schieten mor ulder grote vangste wos weg. Dat wos Liete Krulle die in de bomen zat.

Onderwerp

SINSAG 0592 - Hexentier kann nicht getroffen werden    SINSAG 0592 - Hexentier kann nicht getroffen werden   

Beschrijving

Enkele mannen reden per fiets naar het sparrenbos om er wilde duiven te gaan schieten. Toen de mannen omstreeks twee of drie uur aankwamen in het bos, zagen ze er niets anders dan duiven, valkduiven en Spaanse duiven die aan de takken hingen. De eerste man die schoot, miste. De tweede miste ook. Hoe de mannen ook probeerden, ze slaagden er niet in ook maar één duif te treffen. Toen de mannen voortwandelden, zagen ze wat verderop in de dreef een oud vrouwtje met een kapmantel zitten, dat vroeg: "Wel jongens, hebben jullie iets gevangen?" De mannen antwoordden: "Neen, er zitten er genoeg, maar we kunnen ze niet raken. Maar als jij hier niet zou zijn, dan zou het zeker beter gaan". Daarop ging de vrouw weg. Na het vertrek van de toveres konden de mannen wel enkele duiven schieten. Het was zij geweest die in de bomen had gezeten.

Bron

S. Top, Leuven, 1964

Commentaar

1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (vrijbos)
65C
Vader van de informant
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Langemark    Langemark