Hoofdtekst
27 Want ik weet, wij zijn hier eens tot hier heel boven geweest (= verlengde van de Kerkstraat dat door het veld naar Valmeer loopt), dan kwamen die … Die straat hier, die was toe. Zoals je nu de breedte ziet van de straat, zo was die vroeger ook. Maar dat was wel de dinge… Daar stonden allemaal bomen en hagen en dinge en daar gingen wij ‘alle kaante’ achterin. En ten langen laatste waren wij, wat groter waren, ja, jongens van negentien, achttien jaar, toen maakten die ons bang. Dan verkleedden die hun en dan kwamen die uit dat dinge van achter ons na. Dan hadden wij bang, hé! Dan zeiden ze: "Dat zijn heksen wat rondlopen vanachter."
Beschrijving
Enkele meisjes lieten zich bang maken door jongens die zich als heksen hadden verkleed.
Bron
H. Schoefs, Leuven, 1996
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (groot-riemst)
27E 412
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Zichen-Zussen-Bolder   
