Hoofdtekst
Beschrijving
Een man die ruzie had met een tovenaar, werd ’s nachts altijd geplaagd. Men kwam bij hen op de deurbel duwen en er tikte de hele tijd iets tegen de ruiten. De man ging naar de pastoor, die zei: “Vul een fles met wijwater en besprnkel alles ermee”. De man deed het en werd daarna niet meer gekweld.
Bron
W. Van Hoof, Leuven, 1963
Commentaar
2.2 Tovenaars
antwerps (heist-op-den-berg en omgeving)
329
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Hallaar   
