Hoofdtekst
Beschrijving
De dochter van een bakker was geschrokken van een farceur die met een wit laken langs de beemd was gaan zitten. Bij haar thuiskomst vertelde het verschrikte meisje wat ze had meegemaakt. Enkele vrienden die het verhaal hadden gehoord, besloten de farceur te ontmaskeren en hem een goede afranseling te geven. Het ‘spook’ bleek haar echtgenoot te zijn. (Uit het verhaal blijkt niet duidelijk wiens echtgenoot wordt bedoeld).
Bron
E. Tielemans, Leuven, 1978
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
brabants (zuid-west)
95B
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Ruisbroek   
