Hoofdtekst
I -Van voortekens weet ge daar iets van, als ge zo een ekster ziet of zo, wierd er daar niets van verteld?36 DD -Oh ja, als hun oren tuitten.II -Wiens oren tuitten?36 -Van u of van mij, er waren mensen, “Mijn oren tuiten, d’er is goed nieuws op de baan.” en weet ge wat (de naam die hier genoemd wordt is nagenoeg onverstaanbaar doordat de informant heel stil spreekt) thuns (dan) zei? “Was ze, godverdomse vuile beest!” (gelach)Ro -En van die eksters dat was ook hé.36 -Ja, nieuws, d’er is nieuws op de baan, de eksters schetteren.I -En van een raaf?Ro -Van een kraai?36 -Daar weet ik niets af.II -Ja, hij is daar (Luc, de vriend van de informant en mijn vader komt binnen.).I -Of als ge zwalms (zwaluwen)?
Onderwerp
SINSAG 0487 - Vorbedeutung anderer Ereignisse.   
Beschrijving
Als de mensen hun oren hoorden tuiten of een ekster hoorden kwetteren, geloofden ze dat er nieuws op komst was.
Bron
C. De Winne, Leuven, 1999
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
oost-vlaams (groot-zottegem)
36DD
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Erwetegem   
