Hoofdtekst
Mijn moeder is hier mee de grouwel (schrik) van heel de wereld op haar bedde gestorven: onder ’t bedde krujipen en overal, en dat was ook ’t kwaad dat op haar werktegen. En van die toveressen was er al ene dood maar de geest was nog hier in huis gebleven! En ik moest alle morgenden zout en wijwater voor ons deure strooien.
Beschrijving
Een vrouw die onder invloed van een toveres was, is uiteindelijk aan haar angst gestorven. De dochter van die vrouw moest altijd zout voor de deur strooien en de grond met wijwater besprenkelen.
Bron
M. Van Der Linden, Leuven, 1964
Commentaar
2.1 Heksen
oost-vlaams (denderstreek)
302
Moeder van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Smeerhebbe-Vloerzegem   
