Hoofdtekst
"Nou meneer, zet je er maar eens even goed voor, want ik ben nu echt blij, dat ik er eens iemand over kan vertellen, die er zoveel belang in stelt", zo begint Jo de Rechter, die op "het Jagertje" woont, een gehucht op 20 minuten afstand van de oude veste Hulst.
1. VAN EEN KATTEKLAUW.
Mijn vader, 'n en vent van bij de 100 kilo zwaar, werkte zo omstreeks 1890 als eerste knecht op de boerderij van Davids bij het gehucht Absdale (gemeente StJansteen). H ij was toen nog niet getrouwd met mijn moeder.
Het was daar in die dagen niet pluis, want het spookte er alle nachten!
Verder werkten daar bij Davids nog een 2e knecht en een "koeter" (koewachter), een ventje van 12 jaar. Die twee waren doodsbenauwd, maar daar had vader zelf geen last van.
H ij sliep met de 2e knecht in de "kluis", dat was een soort van ingebouwde slaapruimte in de schuur, vlak bij de grote deuren.
's Nachts was het dikwijls een lawaai in de schuur, de paarden waren dan zeer onrustig, stonden aan hun touwen te rukken en waren s ochtends overdekt met zweet. Dan waren er verder veel katten, maar dat is op een boerenerf niks bijzonders!
En toch was het door die katten, dat vader niet goed kon slapen. Herhaaldelijk probeerde een bepaalde kat snachts door een kleine opening in het "winket" (d.i. een kleine deur, aangebracht in de grote schuurdeuren) de houten klink van dat deurtje te lichten, om zo van buiten af in de schuur te komen.
Vader, die toch wel op moeilijkheden verdacht was, had naast z 'n bed een kouter(ijzer) van een oude ploeg staan en op n en keer dat die kat weer begon met krabben aan het deurtje en z 'n ene poot al in de schuur had, hakte vader d 'er klauw af!
's Ochtends al om 3 uren begon vader samen met de 2e knecht de paarden te voederen. Toen ze een paar uur later in de keuken kwamen om te eten zei de meid: "De bazin is ziek!"
Vader vroeg wat er aan scheelde, waarop de meid letterlijk zei: '''k geloof dat d 'er poot (hand) er zowat af is!"
De boer, die al meermalen over de nachtelijke voorvallen was ingelicht, liet niet veel los, maar begaf zich diezelfde dag naar de Pastoor van StJansteen. Z 'en eigennaam ben ik vergeten, maar ze noemden hem altijd "denBlikken"! Die pastoor heeft bijna 50 jaar in Jansteen gestaan.
's Achtermiddags kwam de Pastoor te paard aangereden. Vader moest hem alles nogeens vertellen. Daarop steekt de Pastoor "Paasnagels" 1) tussen de dorpel van de schuurdeuren en ook onder de deuren der varkenskotten en onder de deur van de paardenstal. Deze beide laatste omdat jonge varkens en veulens bij Davids meestal spoedig dood gingen! En laat nu vanaf dat ogenblik alle spokerij verdwenen zijn!
De bazin was een jaar later dood, nadat ze haar man het leven nog op allerlei manieren ondraaglijk had gemaakt. De boer zei later (letterlijk) "'k Zijn blij dat ze kapot is!!"
Vader is er overigens z n hele leven van overtuigd geweest, dat de boerin over geheime krachten beschikte!
1) Paasnagels zijn volgens vanDale s woordenboek:
"elk der 5 nagels van wierook, die op Paasavond in de Paaskaars gestoken worden in de vorm van een kruis."
Onderwerp
SINSAG 0640 - Hexentier verwundet: Frau zeigt am folgenden Tag Malzeichen.
  
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
TM 3101 - Heks maakt kind (mens, dier) ziek   
TM 3104 - Duivelsdrek als afweer   
Beschrijving
Bron
Naam Overig in Tekst
Davids   
den Blikken   
Naam Locatie in Tekst
Absdale   
Sint Jansteen   
Plaats van Handelen
Absdale   
