Hoofdtekst
OVER " DE BISON " EN NOG WAT IN PHILIPPINE.
Deze beide verhalen, meneer, was deugnieterij, maar 'k ga U nu vertellen, wat mijn moeder zelf heeft meegemaakt en 't is waarlijk gebeurd ook! Zelf geloof ik dit heilig!
Een eind voorbij ons dorp Philippine, in de richting van "de Maagd van Gent" (d.i. gemeente IJzendijke) maar net nog in onze gemeente, woonde omstreeks 1890 een familie Vermeersch. Ze hadden een molen en zoals dat toen gebruikelijk was, met een boerderij erbij.
Ze woonden juist op "'t Hollands", maar even over de "streep" (grens) dreven ze ook nog een kleine kruidenierswinkel; dat was toen in die dagen nogal profijtelijk!
De mensen verdienden goed geld en 't ging alles voor de wind. Een buurtschap was het eigenlijk niet, alleen lagen er nogal wat grote boerderijen in de ronde omheen.
Nu gebeurde het op zekeren dag, dat een oud vrouwtje, afkomstig van België die op 't "Hollands" in een arbeidershuisje, geheel alleen woonde, op het hof van Vermeersch kwam aanlopen. Ze deed soms wat vreemd, maar men zou daaraan geen aandacht hebben geschonken, ware het niet, dat bij haar herhaalde bezoeken ’snachts in de stal rare dingen gebeurden.
De koeien en paarden waren zeer onrustig; als de baas met z'n knecht dan wel eens op onderzoek gingen met een stallantaarn bij zich, om te zien wat er aan de hand was, sprongen de paarden tot tegen de ruiven op. De beesten gingen in korte tijd zienderogen achteruit en de Pastoor, die hierover werd geraadpleegd raadde Vermeersch aan, de hulp in te roepen van de Paters in het naburige Eekloo (België).
Spoedig daarop zijn twee Paters gekomen en toen alles nog eens verteld was, zijn ze beiden
'snachts, biddend, elk met een stallantaarn bij zich, de stal ingegaan. En 't was voorwaar weer een leven als een oordeel!
Maar nauwelijks waren de Paters binnen, of al het vee werd stil en rustig. Negen dagen zijn de Paters gebleven en negen nachten achtereen biddend de schuur ingegaan, waar ze de gehele nacht verbleven.
Ook hebben ze de gehele schuur en de beesten bezegend met wijwater!
Voordat ze vertrokken vroegen ze de boer en de boerin, wie ze hiervan wel verdachten. En toen het oude vrouwtje als verdachte werd aangewezen zeiden de Paters: "'t Is wel, we hadden het zelf ook reeds gezien, toen ze deze week bij U op Uw hof rondliep. Als ze weerkomt zegt ge niets, maar ze zal Uw hof nimmer meer kunnen betreden. Bij het damhek en ook onder de drempels van de schuurdeuren hebben we "Paasnagels" gestoken. Nooit meer zult ge iets bijzonders merken!"
En mijnheer, zo is 't gegaan. Mijn eigen moeder die daar veel kwam heeft het alles van nabij meegemaakt!"
En 'k houd het waarlijk voor ongepast een zo hecht en "heilig" bijgeloof aan het wankelen te brengen! 't Was al erg genoeg, dat ik Mevr. Wed. Weijne - Rammeloo op vrijdagochtend twee uur van haar werkzaamheden heb durven afhouden!
Deze beide verhalen, meneer, was deugnieterij, maar 'k ga U nu vertellen, wat mijn moeder zelf heeft meegemaakt en 't is waarlijk gebeurd ook! Zelf geloof ik dit heilig!
Een eind voorbij ons dorp Philippine, in de richting van "de Maagd van Gent" (d.i. gemeente IJzendijke) maar net nog in onze gemeente, woonde omstreeks 1890 een familie Vermeersch. Ze hadden een molen en zoals dat toen gebruikelijk was, met een boerderij erbij.
Ze woonden juist op "'t Hollands", maar even over de "streep" (grens) dreven ze ook nog een kleine kruidenierswinkel; dat was toen in die dagen nogal profijtelijk!
De mensen verdienden goed geld en 't ging alles voor de wind. Een buurtschap was het eigenlijk niet, alleen lagen er nogal wat grote boerderijen in de ronde omheen.
Nu gebeurde het op zekeren dag, dat een oud vrouwtje, afkomstig van België die op 't "Hollands" in een arbeidershuisje, geheel alleen woonde, op het hof van Vermeersch kwam aanlopen. Ze deed soms wat vreemd, maar men zou daaraan geen aandacht hebben geschonken, ware het niet, dat bij haar herhaalde bezoeken ’snachts in de stal rare dingen gebeurden.
De koeien en paarden waren zeer onrustig; als de baas met z'n knecht dan wel eens op onderzoek gingen met een stallantaarn bij zich, om te zien wat er aan de hand was, sprongen de paarden tot tegen de ruiven op. De beesten gingen in korte tijd zienderogen achteruit en de Pastoor, die hierover werd geraadpleegd raadde Vermeersch aan, de hulp in te roepen van de Paters in het naburige Eekloo (België).
Spoedig daarop zijn twee Paters gekomen en toen alles nog eens verteld was, zijn ze beiden
'snachts, biddend, elk met een stallantaarn bij zich, de stal ingegaan. En 't was voorwaar weer een leven als een oordeel!
Maar nauwelijks waren de Paters binnen, of al het vee werd stil en rustig. Negen dagen zijn de Paters gebleven en negen nachten achtereen biddend de schuur ingegaan, waar ze de gehele nacht verbleven.
Ook hebben ze de gehele schuur en de beesten bezegend met wijwater!
Voordat ze vertrokken vroegen ze de boer en de boerin, wie ze hiervan wel verdachten. En toen het oude vrouwtje als verdachte werd aangewezen zeiden de Paters: "'t Is wel, we hadden het zelf ook reeds gezien, toen ze deze week bij U op Uw hof rondliep. Als ze weerkomt zegt ge niets, maar ze zal Uw hof nimmer meer kunnen betreden. Bij het damhek en ook onder de drempels van de schuurdeuren hebben we "Paasnagels" gestoken. Nooit meer zult ge iets bijzonders merken!"
En mijnheer, zo is 't gegaan. Mijn eigen moeder die daar veel kwam heeft het alles van nabij meegemaakt!"
En 'k houd het waarlijk voor ongepast een zo hecht en "heilig" bijgeloof aan het wankelen te brengen! 't Was al erg genoeg, dat ik Mevr. Wed. Weijne - Rammeloo op vrijdagochtend twee uur van haar werkzaamheden heb durven afhouden!
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
TM 3101 - Heks maakt kind (mens, dier) ziek   
TM 3104 - Duivelsdrek als afweer   
Beschrijving
Betoveren van vee; afweer door bidden en zegenen met wijwater door paters, leggen van paasnagels onder drempels.
Bron
Collectie De Vries, verslag 14, verhaal 3 (Archief Meertens Instituut)
Naam Overig in Tekst
Vermeersch   
Naam Locatie in Tekst
Philippine   
Maagd van Gent   
IJzendijke   
Eekloo   
Plaats van Handelen
Philippine   
