Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

ENGELS001604 - Verborgen schatten

Een sage (mondeling), woensdag 26 december 1962

Hoofdtekst

Verborgen schatten:
In een wei van Willem Dorssers, een buurman, lag een zeer grote en zware platte steen in de grond, in een perceel in de Meren. Er werd altijd gegist, dat daar een schat onder begraven zou liggen. De oudste zoon van Dorssers wilde er meer van weten, en vroeg mij, hem te helpen, om de steen op te graven. Hij werd door ons zodanig ondergraven, dat hij kantelde. Er zat niets onder! Omdat hij te zwaar was voor vervoer, hebben we hem onder de bouwvoor laten zinken.

Verslag 49, Omzetting in Heldens dialect van de verhalen, verteld door: Willem Engels, Helden, en wel onder no. L291-16. Helden, 18-2-1969. Aanvulling Helden, 1-3-1969
In ’n wei van “Feuskes Wöllem” in de Mere zaat enne groeëte platte sjtein in de grongk. D’r woord altied vertèld, dét ter ’n sjat onger begrave laag. D’n adste jong van Wöllem wo d’r mieër van wete’n en vroog mich, öm mèt te helpe. We ongergroven öm, wies tet e’n ömkiepde. D’r zaat niks onger. Ömdét te neet te verveure waas, hebbe we öm laote verzinke.

Beschrijving

Kijken of onder grote zware steen een schat verborgen ligt, levert niets op.

Bron

Collectie Engels, verslag 16, verhaal 4 (Archief Meertens Instituut)

Naam Overig in Tekst

Willem Dorssers    Willem Dorssers   

Meren    Meren   

Feuskes Wöllem    Feuskes Wöllem   

Plaats van Handelen

Helden    Helden