Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

ENGELS002612 - Krans in hoofdkussen

Een sage (mondeling), zondag 09 februari 1964

Hoofdtekst

Krans in hoofdkussen:
Omstreeks 1900 stierf bij de bakker in de Heuvelhoek een kind. Na de begrafenis vond men bij het opmaken van het bedje een verenkrans in het hoofdkussen, waaruit bleek, dat het kind behekst was. De schuld werd gegeven aan “Bèèrke’s Geurt”, een buurvrouw, die als heks gedoodverfd werd.

Verslag 53, Omzetting van de Ned. tekst in de verhalen van Hubertus Janssen, Neerkant, en van andere losse bronnen [E. Zelen, Ant. van de Kerkhof, Piet Vossen, Hendrik Hilkens, Pier Mertens]; gegeven in rapport no. L291-26, in het dialect van Helden. Helden, 27-11-1969
Ich mein, dét ’t öm 1900 waas, wie in d’n Heuvelhook bei d’n bekker e weecht sjtorf. Nao de begrèfenis vong de mooder in ’t kop-keuse van zien bedje enne vère-krans. ’t Weecht zo behékst zien dor “Bèèrkes Gört”, ’n nabbervrouw, die as héks bekènd sjtong.

Onderwerp

TM 3109 - Heksenkrans in kussen    TM 3109 - Heksenkrans in kussen   

Beschrijving

Verenkrans in hoofdkussen van gestorven kind geeft betovering aan door heks.

Bron

Collectie Engels, verslag 26, verhaal 12 (Archief Meertens Instituut)

Naam Overig in Tekst

Bèèrke’s Geurt    Bèèrke’s Geurt   

Naam Locatie in Tekst

Heuvelhoek    Heuvelhoek   

Panningen    Panningen   

Plaats van Handelen

Panningen    Panningen