Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

kul037 - Na Rooise kermis (2: prulderij)

Een mop (boek), 1982 - 1991

Hoofdtekst

Het was laat in de avond. De snevel (jenever) borrelde, het bier gistte en de weg was lang. Schuin aan de hemel stond de maan, die met opgeblazen wangen de voetstappen van Kulhannes en z'n kameraden bescheen, toen deze recht op richt, dwars door den Hulst, de modder en het slijk, over de houten Meulekensbrug naar Liempde wilde lopen. "De wegt dur d'n Hulst waar 'n lullik donker end. D'r ston gin paollicht of niks. Ge kost 'r bekant verdullen" (verdwalen), zei Kulhannes. Toen ze van het ene gat in de zandweg naar de andere kuil stapten en ze plotseling 'nen hond op 'ne mesthoop hoorden huilen, zei Kulhannes, die graag prulderij uithaalde:
"Zullen we 'ns iemes kullen?" Iedereen was er voor en de daad werd in het licht van de lachende maan snel bij het woord gevoegd.
Een heel eind vóór het kasteel, dat ongeveer midden in den Hulst stond en een Meulenbroekse sfeer ademde, lag langs de zandweg een boerderij, waarin Tinuske van den Oever met de vlegel en Hanne van Driekske Woutjes met de pollepel zwaaiden. Het was stil in en om de boerderij. De vensters waren dicht, aan de putzwengel hing troosteloos een emmer en tegen de houtmijt aan leunden enkele stevige palen. Dit alles nodigde Kulhannes en zijn kameraden uit tot prulderij. De emmer werd gevuld met putwater en met een van de palen, die langs de musterdmijt stonden, zachtjes, hoog en schuin tegen de voordeur aangehangen. Toen de emmer op scherp hing, klopte Kulhannes tegen 'n venster aan. Er gebeurde niks. Hij klopte nog eens. Weer bleef het stil. Toen hij echter voor de derde keer, maar nu keihard, tegen het venster aansloeg, ging de deur plotseling driftig open. De paal viel om en de emmer kwakte met geweld naar binnen. Helder putwater spatte in 't rond. Een brommend geluid volgde, waarna Tinus met 'n hoofd, waar het water afdroop, naar buiten kwam. Kulhannes bedacht zich geen moment en naaide er tussenuit, samen met z'n kameraden, die op 'n afstandje het paal-putwater-spel hadden gevolgd. "Want", zo zei Kulhannes, "Tinuske waar net ês veul boeren 'nen goeie hardkostwinnende miens, die ês ie in z'ne spijker skoot, d'r tegenaon gonk. Daorum dinnen wêllie de sokken d'r in zetten". Zo hard als hun benen dragen konden, liepen ze in de richting van de boerderij van Doruske Berkvens. Hier volgde 'n korte rustpauze en werd een nieuw prulleplan gesmeed. Dit duurde niet lang.

Beschrijving

Onder invloed van snevel (jenever) en bier gaan Kulhannes en zijn kameraden na de kermis naar huis, krijgen zin in prulderij en hamgem bij Tinus van den Oever een emmer putwater op een stok aan de deur en kloppen tegen het raam. Als hij tenslotte komt kijken, krijgt hij de emer water over zijn hoofd, waarop de kwajongens hard wegrennen.

Bron

Roger van Laere, KULHANNES, Liempde 1992, 106

Commentaar

voor 1992

Naam Overig in Tekst

Kulhannes    Kulhannes   

Tinuske van den Oever    Tinuske van den Oever   

Hanne van Driekske Woutjes    Hanne van Driekske Woutjes   

Doruske Berkvens    Doruske Berkvens   

Naam Locatie in Tekst

Hulst    Hulst   

Meulekensbrug    Meulekensbrug   

Liempde    Liempde   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20