Hoofdtekst
Dappere Streek.
Eener quam met een Hond, die op veelderley kunsten af-gerecht was, in geselschap van sijn bekenden; En als hy begost te roemen van 't een en 't ander, dattet beest doen kost: Zoo sey hy onder anderen: Al is een ding noch soo heimelick verborgen, soo weettet mijn Hondt op [p. 52] te soecken; Ia, als'et maer yets van't myn is, al was 't hier een half uur van daen, het beest soud et meer halen. Treffelijck voorwaer sey een ander, so sal hy voorseecker oock uw Mantel wel uyt de Lombaert haelen.
Eener quam met een Hond, die op veelderley kunsten af-gerecht was, in geselschap van sijn bekenden; En als hy begost te roemen van 't een en 't ander, dattet beest doen kost: Zoo sey hy onder anderen: Al is een ding noch soo heimelick verborgen, soo weettet mijn Hondt op [p. 52] te soecken; Ia, als'et maer yets van't myn is, al was 't hier een half uur van daen, het beest soud et meer halen. Treffelijck voorwaer sey een ander, so sal hy voorseecker oock uw Mantel wel uyt de Lombaert haelen.
Beschrijving
Een man schept op dat zijn hond alles van hem terug kan vinden. Iemand zegt dat het dier dan ook zeker de mantel van de man bij de lommerd kan vinden.
Bron
Jan Pietersz. Meerhuysen, De geest van Jan Tamboer of Uytgeleeze stoffe voor de klucht-lievende ionckheydt, Amsterdam, 1659, drie delen
Commentaar
1659
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:22