Hoofdtekst
Geestigh Antwoordt van een Iuffer aan'er Man.
Een Heer, hebbende hooge ende laege Iurisdictie, heeft een boom laten omhouwen, daer hy een Galge liet af maken, de selve Heer, hadde een Rooms Catholijcke vrouwe, die dat selve afgehouwen houdt voor een schoon en bequaem houdt aen sag, liet van het overblijfsel van des booms een Kruycifix maecken, ende heeft daer dickwils voor geknielt ende 't selve ghekust, ende veele eere gedaen. De Heer dat siende, seyde tegens de Vrouwe; Alderliefste, het is uw wel bekent dat ick van de selve boom, daer ghy dat Kruycifix hebt van laten maken, een Galge hebb' doen timmeren: Waerom doet ghy de Galge soo groote eere niet aen, als dat Kruycifix, dewijl [p. 120] het van een hout t'samen gemaeckt is? De Vrouwe wederom antwoorde, ende seyde; lieve Man, ghy weet dat mijn gheheel Lichaem met een blanck vell is overtrocken, dat u lief ende aenghenaem is, waerom hebb't ghy het achterste van mijn lichaem, te weten, mijnen neers, noyt sulken vrientschap of eere aen willen doen, als't voorste. De Man sweeg stille, en docht 't is wel geantwoordt op mijn vraghe, en seyde haer daer niet meer van.
Een Heer, hebbende hooge ende laege Iurisdictie, heeft een boom laten omhouwen, daer hy een Galge liet af maken, de selve Heer, hadde een Rooms Catholijcke vrouwe, die dat selve afgehouwen houdt voor een schoon en bequaem houdt aen sag, liet van het overblijfsel van des booms een Kruycifix maecken, ende heeft daer dickwils voor geknielt ende 't selve ghekust, ende veele eere gedaen. De Heer dat siende, seyde tegens de Vrouwe; Alderliefste, het is uw wel bekent dat ick van de selve boom, daer ghy dat Kruycifix hebt van laten maken, een Galge hebb' doen timmeren: Waerom doet ghy de Galge soo groote eere niet aen, als dat Kruycifix, dewijl [p. 120] het van een hout t'samen gemaeckt is? De Vrouwe wederom antwoorde, ende seyde; lieve Man, ghy weet dat mijn gheheel Lichaem met een blanck vell is overtrocken, dat u lief ende aenghenaem is, waerom hebb't ghy het achterste van mijn lichaem, te weten, mijnen neers, noyt sulken vrientschap of eere aen willen doen, als't voorste. De Man sweeg stille, en docht 't is wel geantwoordt op mijn vraghe, en seyde haer daer niet meer van.
Beschrijving
Een man laat uit een boom een galg maken. Van de overblijfselen maakt zijn vrouw een kruis. De man vraagt waarom ze zoveel aandacht aan het kruis besteedt en niet aan de galg, ze zijn ten slotte uit hetzelfde hout gemaakt. De vrouw zegt dat hij ook minder aandacht aan haar achterkant besteedt dan aan haar voorkant.
Bron
Jan Pietersz. Meerhuysen, De geest van Jan Tamboer of Uytgeleeze stoffe voor de klucht-lievende ionckheydt, Amsterdam, 1659, drie delen
Commentaar
1659
Zie onder Beeld voor een illustratie bij het tweede deel.
Naam Overig in Tekst
Rooms Katholiek [Rooms Catholijck]   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:22
