Hoofdtekst
Van een Prins en een Boer.
Seker Prins eens uit wandelen agende, ontmoetende een boer die sijn Wijf by hem op de wagen hadde, ende de Prins hem vragende, wat wilt ghy voor de Gans hebben, dien ghy daer op de wagen hebt? De boer antwoorde, ende seide, sy is my niet te koop: De Prins seide, setse maer op gelt; de boer seide wederom, sy sou mijn Heer al te dier vallen, want ick hebbe daer gister avont noch een veere uit getrocken, die wil ick om gheen ses Rosenobels geven.
Seker Prins eens uit wandelen agende, ontmoetende een boer die sijn Wijf by hem op de wagen hadde, ende de Prins hem vragende, wat wilt ghy voor de Gans hebben, dien ghy daer op de wagen hebt? De boer antwoorde, ende seide, sy is my niet te koop: De Prins seide, setse maer op gelt; de boer seide wederom, sy sou mijn Heer al te dier vallen, want ick hebbe daer gister avont noch een veere uit getrocken, die wil ick om gheen ses Rosenobels geven.
Beschrijving
Een boer zit met zijn vrouw op een wagen en wordt door een prins gevraagd wat die 'gans' moet kosten. Hij zegt dat de 'gans' niet te betalen is, want vanochtend heeft hij er nog een 'veer' uitgetrokken die hij voor geen zes gouden munten weg wil geven.
Bron
Jan Pietersz. Meerhuysen, De geest van Jan Tamboer of Uytgeleeze stoffe voor de klucht-lievende ionckheydt, Amsterdam, 1659, drie delen
Commentaar
1659
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:22