Hoofdtekst
Gauwigheyt van een Speelman.
Een seecker Boer te Marckt komende met een vette Koe, ende alsoo hy die niet nae sijn sin verkoopen konde, soo quammer ten lesten een Speelman en kocht hem die selve af, op S. Marten te betalen: De tijdt verloopen zijnde, quam de Boer om het geldt, het welcke de Speelman noch niet en had, maer gingh heen en koockte een stuck vleesch, ende seyde, eet wat, dat hy dede, ende droncken malkander by heelen ende by halven toe, ende [p. 261] gingh doe sijns weeghs. De boer quam weder om het ghelt voor het beest, ende dat was alle weeck weer aen, ende hem wierde al lustigh op gheschaft, so van eeten als oock van drincken; ende dat loopen duerde soo langhe dat den Speelman quaedt worde, ende seyde, laet ons reeckenen. De boer wierde quaedt, liep wech, en sprack hem met Recht aen: Den Speelman dede oock alsoo, ende sprack hem aen voor een somme, die niet minder als de boers aenspraecke was: Doch langh genoegh gepleyt hebbende, quam de Speelman met de Deure op het Stadt-huys, en be-eedighde sijn schult, en maeckten het doe effen.
Een seecker Boer te Marckt komende met een vette Koe, ende alsoo hy die niet nae sijn sin verkoopen konde, soo quammer ten lesten een Speelman en kocht hem die selve af, op S. Marten te betalen: De tijdt verloopen zijnde, quam de Boer om het geldt, het welcke de Speelman noch niet en had, maer gingh heen en koockte een stuck vleesch, ende seyde, eet wat, dat hy dede, ende droncken malkander by heelen ende by halven toe, ende [p. 261] gingh doe sijns weeghs. De boer quam weder om het ghelt voor het beest, ende dat was alle weeck weer aen, ende hem wierde al lustigh op gheschaft, so van eeten als oock van drincken; ende dat loopen duerde soo langhe dat den Speelman quaedt worde, ende seyde, laet ons reeckenen. De boer wierde quaedt, liep wech, en sprack hem met Recht aen: Den Speelman dede oock alsoo, ende sprack hem aen voor een somme, die niet minder als de boers aenspraecke was: Doch langh genoegh gepleyt hebbende, quam de Speelman met de Deure op het Stadt-huys, en be-eedighde sijn schult, en maeckten het doe effen.
Beschrijving
Een boer verkoopt een koe aan een speelman, die hem met Sint Maarten zal betalen. Wanneer de boer voor zijn geld komt, kan de speelman niet betalen en biedt hem een uitgebreide maaltijd aan. Dit gaat zo weken door en de speelman vindt dat hij zijn schuld heeft afgelost. De boer vindt van niet en daagt hem voor het gerecht. Uiteindelijk betaalt de speelman.
Bron
Jan Pietersz. Meerhuysen, De geest van Jan Tamboer of Uytgeleeze stoffe voor de klucht-lievende ionckheydt, Amsterdam, 1659, drie delen
Commentaar
1659
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:22