Hoofdtekst
Een boereknecht werkte op het land met de boer. Op een gegeven moment moet-ie pisse, toen zegt die boer: "Ga maar aan de kant van de sloot staan." Terwijl die knecht dat doet, wordt hij gestoken door een wesp.
Dat doet die knecht erg pijn en hij begint te morre. De boer zegt: "Wat is er aan de hand?"
"Ja," zegt-ie, "ik ben gestoken door een wesp."
De boer zegt: "Ga dan maar gauw naar de boerderij en vraag om een glas karnemelk en hang hem daar in."
Bij de boerin gekomen vraagt hij om een glas karnemelk. De boerin zegt: "Waarvoor moet je dat gebruiken?"
Hij zegt: "Dat kan ik niet zeggen.
Maar hij loopt er mee naar de schuur.
De boerin gaat stiekum achter hem aan. Ze keek door een kier en toen ze zag wat-ie dee, toen zei ze: "Ik ben vijf en twintig jaar getrouwd, maar ik heb nooit geweten dat je hem zo moest vullen."
Dat doet die knecht erg pijn en hij begint te morre. De boer zegt: "Wat is er aan de hand?"
"Ja," zegt-ie, "ik ben gestoken door een wesp."
De boer zegt: "Ga dan maar gauw naar de boerderij en vraag om een glas karnemelk en hang hem daar in."
Bij de boerin gekomen vraagt hij om een glas karnemelk. De boerin zegt: "Waarvoor moet je dat gebruiken?"
Hij zegt: "Dat kan ik niet zeggen.
Maar hij loopt er mee naar de schuur.
De boerin gaat stiekum achter hem aan. Ze keek door een kier en toen ze zag wat-ie dee, toen zei ze: "Ik ben vijf en twintig jaar getrouwd, maar ik heb nooit geweten dat je hem zo moest vullen."
Beschrijving
Als een boerenknecht langs de slootkant plast, wordt hij in zijn penis gestoken door een wesp. De boer raadt de knecht aan de penis in een glas karnemelk te hangen. De knecht verzwijgt waarom hij de karnemelk nodig heeft en trekt zich terug in de schuur. De boerin bespioneert hem echter en zegt 'Ik ben vijfentwintig jaar getrouwd, maar ik heb nooit geweten dat je hem zo moest vullen'.
Bron
Collectie Jaarsma, verslag 1140, verhaal 2 (archief MI)
Commentaar
6 september 1974
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21