Hoofdtekst
Een Parijsche Straatjongen.
Een kind van zes jaren werd dezer dagen te Parijs wegens diefstal gearresteerd. 't Was een kleine stumper en leelijk als een orangoutang. Hij had een paar laarzen gestolen, grooter dan hij zelf was, en toen de politieagent hem vroeg: "Waarom hebt gij gestolen?" antwoordde hij: "Omdat ik te klein ben om te werken."
"Wat wildet gij met die laarzen aanvangen?"
"Wel verkoopen, lange slungel, een tamelijk domme vraag."
Daarna stak de veel belovende knaap de handen in den zak, floot een deuntje en volgde den sergeant naar het politie-bureau.
Een kind van zes jaren werd dezer dagen te Parijs wegens diefstal gearresteerd. 't Was een kleine stumper en leelijk als een orangoutang. Hij had een paar laarzen gestolen, grooter dan hij zelf was, en toen de politieagent hem vroeg: "Waarom hebt gij gestolen?" antwoordde hij: "Omdat ik te klein ben om te werken."
"Wat wildet gij met die laarzen aanvangen?"
"Wel verkoopen, lange slungel, een tamelijk domme vraag."
Daarna stak de veel belovende knaap de handen in den zak, floot een deuntje en volgde den sergeant naar het politie-bureau.
Beschrijving
Een zesjarige jongen wordt betrapt bij het stelen van een paar laarzen, die hij had willen verkopen.
Bron
Collectie Boekenoogen (archief Meertens Instituut) (eigen uitgave in ongedateerde Volks-courant N°10)
Commentaar
eind 19e eeuw
Naam Locatie in Tekst
Parijs   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:22
