Hoofdtekst
Men moet den duivel niet verzoeken. A.
Een Uitdammer was een groot liefhebber van kaartspelen. Zijn vader had er een gloeienden hekel aan dat hij dan zoo laat thuis kwam. Op een goeien dag beloofde hij vroeg binnen de stijlen te zijn; zoo niet, dan mocht de duivel hem halen. "Jongen, jongen, hou je stil! verspreek je toch zoo niet," zei zijn vader. "Wat kan het mij g...v...! schelen; als ik niet om twaalf uur thuis ben, dan mag de duivel mijn nek breken!"
Zoo ging hij de deur uit. Hij ging zitten kaarten en tot na kwart voor twaalf bleef hij in Zuiderwoude. Het was winter. Er lag ijs, en hij bond de schaatsen onder en haastte zich naar huis. Met den eersten slag van twaalven was hij op het kleine meertje, een half uurtje van Uitdam. Met den laatsten slag sprong hij op schaatsen en al in huis; zoo hard had hij gereden. Toen hoorde hij achter zich een stem: "Doordat je zoo hard gereden hebt ben-je me ditmaal ontkomen." Daar schrok hij zoo van, dat hij ziek werd; en kort daarop is hij gestorven.
Een Uitdammer was een groot liefhebber van kaartspelen. Zijn vader had er een gloeienden hekel aan dat hij dan zoo laat thuis kwam. Op een goeien dag beloofde hij vroeg binnen de stijlen te zijn; zoo niet, dan mocht de duivel hem halen. "Jongen, jongen, hou je stil! verspreek je toch zoo niet," zei zijn vader. "Wat kan het mij g...v...! schelen; als ik niet om twaalf uur thuis ben, dan mag de duivel mijn nek breken!"
Zoo ging hij de deur uit. Hij ging zitten kaarten en tot na kwart voor twaalf bleef hij in Zuiderwoude. Het was winter. Er lag ijs, en hij bond de schaatsen onder en haastte zich naar huis. Met den eersten slag van twaalven was hij op het kleine meertje, een half uurtje van Uitdam. Met den laatsten slag sprong hij op schaatsen en al in huis; zoo hard had hij gereden. Toen hoorde hij achter zich een stem: "Doordat je zoo hard gereden hebt ben-je me ditmaal ontkomen." Daar schrok hij zoo van, dat hij ziek werd; en kort daarop is hij gestorven.
Onderwerp
SINSAG 0906 - Teufel als Schlittschuhläufer.   
Beschrijving
Een jongen gaat kaartspelen en belooft zijn vader dat hij voor middernacht terug zal zijn. De duivel mag hem halen als hij zich niet aan zijn belofte houdt. De vader keurt deze manier van zweren af. De jongen blijft kaarten tot kwart voor twaalf en is genoodzaakt met bovenmenselijke snelheid naar huis te schaatsen. Op de laatste klokslag van twaalf uur springt hij met schaatsen en al zijn huis binnen. Dan hoort hij de stem van de duivel: de jongen is hem nog maar net ontkomen. De jongen schrikt enorm en is niet lang daarna overleden.
Bron
G.J. Boekenoogen 'Nederlandse sprookjes en vertelsels' in: Volkskunde 21 (1910), p. 77 N°130A
Commentaar
1901
[Informant uit Uitdam (roeier)]
vgl. CBAK0307 (& CBAK0530)
vgl. CBAK0307 (& CBAK0530)
Teufel als Schlittschuhläufer. (A)
Naam Locatie in Tekst
Zuiderwoude   
Uitdam   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
