Hoofdtekst
Die .XXXVI. cluchte.
Keyser SIGEMONT hadde die gheleerde seer lief ende hadde altijt doctoren by hem ende in sinen raet, dwelck sinen edelen seer verdroet. Ende seyden op eenen tijt tot hem: 'Ghenadighe Heer, waerom hout ghi by u so veel bonetlieden? En zijn wi niet alzo wijs als si zijn?' Die keyser antworde: 'Ghi cont vechten ende steken, etc., maer in oordeel ende gerechticheyt tegen den armen behoeve ick groote conste. Dye moet ick soecken waer ick se vinde, die hebben de doctoren. Daerom so heb ic se lief ende houde huer ooc in eeren, want ghy en cont mi die conste niet gheven.' Die oude keyser ende coninghen hebben const ende geleerde lieden ooc lief ghehadt, ja, si sijn haer bevolen om huer den prijs te gheven. TRAJANUS hadde PLUTARCHUM, NERO SENECAM, ALEXANDER ARISTOTELEM. Want doen ALEXANDER geboren worden, screef hem zijn vader, PHILIPPUS, eenen epistel: 'My is een sone geboren. Daer af danc ic den Heere, also wel omdat hi tot uwen tijde, als dat hi geboren is. Ic hope hi sal noch van U geleert ende onderwesen worden, dat mijnen rijcke tot profijte dienen mach.'
Keyser SIGEMONT hadde die gheleerde seer lief ende hadde altijt doctoren by hem ende in sinen raet, dwelck sinen edelen seer verdroet. Ende seyden op eenen tijt tot hem: 'Ghenadighe Heer, waerom hout ghi by u so veel bonetlieden? En zijn wi niet alzo wijs als si zijn?' Die keyser antworde: 'Ghi cont vechten ende steken, etc., maer in oordeel ende gerechticheyt tegen den armen behoeve ick groote conste. Dye moet ick soecken waer ick se vinde, die hebben de doctoren. Daerom so heb ic se lief ende houde huer ooc in eeren, want ghy en cont mi die conste niet gheven.' Die oude keyser ende coninghen hebben const ende geleerde lieden ooc lief ghehadt, ja, si sijn haer bevolen om huer den prijs te gheven. TRAJANUS hadde PLUTARCHUM, NERO SENECAM, ALEXANDER ARISTOTELEM. Want doen ALEXANDER geboren worden, screef hem zijn vader, PHILIPPUS, eenen epistel: 'My is een sone geboren. Daer af danc ic den Heere, also wel omdat hi tot uwen tijde, als dat hi geboren is. Ic hope hi sal noch van U geleert ende onderwesen worden, dat mijnen rijcke tot profijte dienen mach.'
Beschrijving
Keizer Sigismund had altijd geleerden bij zich, en dat irriteerde zijn hoogste edelen. Zijn wij niet slim genoeg, vroegen zij. Jullie kunnen goed vechten, antwoordde de keizer, maar voor het rechtvaardig bestuur van de armen heb ik andere expertise nodig. Vroeger hadden de keizers en koningen ook geleerden in dienst: Trajanus had Plutarchus, Nero had Seneca, Alexander (de Grote) had Aristoteles.
Bron
H. Pleij, J. van Grinsven, D. Schouten & F. van Thijn: Een Nyeuwe Clucht Boeck. Een zestiende-eeuwse anekdotenverzameling. Muiderberg 1983.
Commentaar
1554
Bron: Pauli, Schimpf und Ernst 98.
Naam Overig in Tekst
Sigismund   
Trajanus   
Plutarchus   
Alexander (de Grote)   
Aristoteles.   
Naam Locatie in Tekst
Nero   
Seneca   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:22
