Hoofdtekst
Die .XCII. cluchte.
Een muylesel worde eens gevraecht van wat geslachte der gedierten dat hi ware. Die muylesel antworden hi waere edel, want des conincx van HISPANIËN peert was syn vader. Ende ghelorieerden altijt op synen vader. Een vraechde hem wie sijn moeder ware, maer dat en woude hi niet seggen, want het was des molenaers esel. Want die muylesels syn onvruchtbaer. Dats op eere der hoeren ende goetmans kint.
Een muylesel worde eens gevraecht van wat geslachte der gedierten dat hi ware. Die muylesel antworden hi waere edel, want des conincx van HISPANIËN peert was syn vader. Ende ghelorieerden altijt op synen vader. Een vraechde hem wie sijn moeder ware, maer dat en woude hi niet seggen, want het was des molenaers esel. Want die muylesels syn onvruchtbaer. Dats op eere der hoeren ende goetmans kint.
Beschrijving
Toen een muilezel gevraagd werd naar zijn afkomst zei hij dat hij van adel was, want zijn vader was het paard van de koning van SPANJE. Over zijn moeder had hij het nooit want dat was de ezelin van de molenaar...
Bron
H. Pleij, J. van Grinsven, D. Schouten & F. van Thijn: Een Nyeuwe Clucht Boeck. Een zestiende-eeuwse anekdotenverzameling. Muiderberg 1983.
Commentaar
1554
Bron: Pauli, Schimpf und Ernst 170.
Naam Locatie in Tekst
Spanje.   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:22
