Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

VVUNL347 - Heksen-bijgeloof in Zuid-Limburg

Een sage (almanak), 1920 - 1929

Hoofdtekst

Heksen-bijgeloof in Zuid-Limburg

In vroeger jaren, maar zelfs ook nog in onze huidige verlichte tijd, speelde en speelt het bijgeloof in heksen een grote rol in het Zuidlimburgse volks- en kinderleven. Ik kan mij nog levendig de tijd herinneren dat met allerlei onopvoedkundige middelen op het kinderlijk gemoed werd gewerkt, zonder nu juist altijd de uitslag te bereiken die zich de opvoeders van die tijd daarvan voorstelden. Zelfs meen ik niet te overdrijven, wanneer ik beweer, dat menig jeugdleven door het toepassen van dusdanige onoordeelkundige tuchtmiddeltjes, schromelijk vergald werd. Gelukkig zijn opvoeders met meer verlichte denkbeelden langzamerhand tot andere en betere inzichten gekomen.
Maar toch, ondanks de met rasse schreden zich baanbrekende geestelijke verruiming, heeft het bijgeloof aan heksen, spoken en boze geesten, onder de ontwikkelden zowel als onder de lagere standen, ten platten lande nog zelfs tot in onze dagen, hardnekkig een plaats weten te behouden, niet zozeer onder de mannelijke bevolking, dan wel onder de vrouwen en meisjes.
De gevreesde wezens, wier vermeend bestaan, in staat waren om ieder kind of iedere vrouw de schrik op het lijf te jagen, waren: de heksen. Het woord heks alleen was reeds voldoende om een kind de schrik om het hart te doen slaan.
Wanneer een kind b.v. een zwarte kat wilde strelen, zorgde de moeder met ontsteld gelaat ervoor, de kleine zo spoedig mogelijk uit de nabijheid van dat verdachte dier te verwijderen met de veelbetekenende waarschuwing: 'Pas op, het is een heks, ze zal je betoveren!' terwijl zij deze waarschuwing vergezeld liet gaan van het maken van een kruis op des kinds voorhoofd.
Katten in het algemeen hadden de naam heksen te zijn. Aan zwarte vertegenwoordigers dezer diersoort werd die naam met alle beslistheid toegeschreven.
Een oude 'wijsvrouw', zoals zij in Zuid-Limburg genoemd wordt, die uit hoofde van haar werkkring nogal eens 's nachts gehaald moest worden om verloskundige hulp te verlenen, verhaalde mij eens toen ik nog zeer jong was, de volgende geschiedenis:
'Op zekere nacht in de herfst, werd ik van de Gansbaan te Meerssen, waar ik woon, door twee mannen gehaald om een vrouw te helpen, die op Berg en Terblijt woonde.
Het was vreselijk donker, maar de mannen hadden geen licht bij zich. Beiden waren gewapend met een stevige stok. De kortste weg nemende, kwamen we aan een bospad, dat over een heuvel leidde. Aan het begin van het bospad stond een z.g. "stegel", d.i. een draaihekje, waardoor slechts één persoon zich slechts zijdelings kon heenwerken.
Toen de voorste der mannen door de stegel wilde gaan, schrok hij plotseling terug voor twee vurige ogen, die hem van de paal, naast de stegel staande, aangluurden.
Bij nader onderzoek bemerkte hij dat het een kat was.
"Pak dich ewèg," schreeuwde hij het dier toe, "of ich schlaon dich de van." (l) Miauw! deed de kat maar zij bleef zitten. Ook een tweede aanmaning bleef zonder gevolg. Verbolgen om die tegenstand en ongeduldig wegens het veroorzaakte oponthoud, zwaaide de man zijn stok en met de woorden: "Deh dan! Duuvel of kat, de zuls de van," (2) sloeg hij de kat van de paal. Maar, o schrik, nauwelijks op de grond gevallen, sprong de kat onmiddellijk weer op de paal en riep de vermetele die het gewaagd had haar te slaan, met dreigende stem toe: "Noe doog het nog ins." (3)
Geen van beide mannen dacht eraan, nog eens een poging te wagen.
Langs een grote omweg zijn wij toen verder gegaan om de "heks", want dat was ze, te ontwijken.'
Dat dit verhaal een diepe indruk op mijn jeugdig gemoed gemaakt had, is licht te begrijpen.
Van die tijd ging ik iedere kat zorgvuldig uit de weg. Maar groter en stoutmoediger geworden, werd iedere kat ook als proefdier gebruikt, om mij te overtuigen of er soms een heks in stak.
Eerst op veel latere leeftijd heb ik mijn afkeer voor katten afgelegd en haar als welkome helpsters bij het verdelgen van ratten en muizen leren op prijs stellen.
Algemeen heerste het bijgeloof, dat van 12 tot 1 uur 's nachts de heksen uit de omgeving elkander ontmoetten in een boomgaard en rondom een dikke boom de heksendans uitvoerden.
De ronde, van gras ontblote plek rondom zo'n boom werd dan ook door de boerenbevolking een 'heksendans' genoemd. Oude boeren hebben mij vaak zo'n heksendans getoond met de woorden: 'Hiej höbbe de prieje deze nach weer gedans.' (4)
Lelijke oude vrouwen werden op het platteland ook herhaaldelijk als heksen aangezien. Zij werden als de veroorzaaksters van allerlei ziekten onder de kinderen en het vee beschouwd. Ook daarvan heb ik in mijn jeugdjaren herhaaldelijk gevallen bijgewoond.
Nog herinner ik mij levendig de aanmaning van moeders, die haar kinderen bij het verlaten van het huis toeriepen: 'Iërsch wiewater, andersch kómme de hekse aan dich. ' (5)
Op zekere dag was ergens in de omgeving een kind ziek. De buurvrouwen werden erbij geroepen, om raad in te winnen. Aan het inroepen van geneeskundige hulp werd niet gedacht, want... de dokter kostte geld en... daarvan moesten de mensen in die tijd niet veel hebben.
't Is waar, de tijden waren toen ook lang niet zo rooskleurig, vooral niet voor de arme plattelanders. Vandaar dat kwakzalversmiddeltjes met zoveel voorliefde gebruikt werden.
Nadat in het bovenstaande geval alle aangewende huis- en kwakzalversmiddeltjes niet de minste baat hadden opgeleverd en het kind zienderogen achteruitging, werd op aanraden van een der vrouwen het hoofdkussentje waarop het kind lag, eens onderzocht en zie! alle twijfel moest opgeheven worden. Er was een heks in 't spel, want de inhoud van het kussen vertoonde de duidelijke kentekenen van haar snood misdrijf.
Waaruit bestonden deze dan? zal de geachte lezer geneigd zijn te vragen. Och, de inhoud, door de ontwikkelde warmte en het vocht tot een taaie massa geworden, gaf allerlei kransjes, bosjes en figuurtjes te zien, waaruit door de bijgelovige vrouwenschaar tovertekens gelezen werden. Groot was de schrik bij het ontdekken dier onheilspellende tekens, zo zelfs, dat geen enkele het zou gewaagd hebben deze met de handen aan te raken. Alleen met behulp van een stok werd gewaagd deze kransjes en ringetjes en bosjes en bolletjes te ontwarren en dan nog eerst dan, nadat alles vooraf met wijwater besproeid was geworden.
Hieruit blijkt duidelijk dat het bijgeloof diep, zeer diep wortel geschoten had. Onmiddellijk werd een oude vrouw uit de buurt ervan beticht, haar heksenkunsten op het arme kind te hebben toegepast. Toen dan ook de argeloze oude ziel eens uit belangstelling naar de kleine kwam omzien, werd zij zodanig door de samengelopen vrouwen bewerkt dat zij dagenlang te bed moest blijven liggen.
Het kind stierf en tot aan haar dood toe werd 'de heks' beschuldigd, zijn dood veroorzaakt te hebben. Er werden ons, jongens, zelfs middelen geleerd, waaraan een heks te herkennen was. Om zich te overtuigen of een oude vrouw werkelijk een heks was, moest men driemaal kruisgewijs voor haar doorlopen. Maakte zij na dit kunstmiddel rechtsomkeert, dan kon men ver-zekerd zijn met zo'n toverkol te doen te hebben. Een ander beproefd middel was, twee strohalmen in de vorm van een kruis voor de drempel te leggen. Geen heks was bij machte dit struikelblok te overstappen.
Van de heksen werd verteld dat zij om het middernachtelijk uur op een bezemstok door het luchtruim reden. Wanneer dan ook om deze tijd de wind loeide, zeiden de bijgelovige mensen: 'Huöir de heksen ins in de loch joechele.' (6) De sabbat is de wekelijkse rustdag der Israelieten. Hij begint 's vrijdags bij het ondergaan der zon en eindigt 's zaterdags, wanneer de zon weer onder de horizon gedaald is. Werd in de nacht tussen deze twee genoemde tijdstippen het geluid van de wind gehoord, dan heette het: 'De hekse zeen aan 't sabbat veere.' (7)
Bekend was ook het rijmpje:
'Tössche twelf en ein
Zeen de hekse oppe bein.' (8)
De uitdrukking 'auw heks' (oude heks) heeft thans nog een ongunstige betekenis en wordt als een vernedering en tegelijkertijd als een belediging opgevat, zowel door bejaarde vrouwen als door vrouwen van middelbare leeftijd.
Gewoonlijk werd door de beledigde partij als antwoord op deze scheldnaam getroefd: ''n Heks is den duuvel ze riejpeerd.' (9)
Eigenaardig is het dat b.v. 'klein heks' als een lieftallige benaming voor een vlug, klein meisje met zeer ontwikkelde geestvermogens geworden is.
Als het regent en de zon schijnt, wordt gezegd dat de heksen in de hel dansen.
Komen op de hofstede verschillende dodelijke gevallen onder het vee voor, dan is de Zuidlimburgse boer thans nog maar al te zeer geneigd, te geloven dat zijn stallen behekst zijn.
Het werkwoord heksen komt nog in menige Zuidlimburgse uitdrukking voor. Een man of vrouw die het verwijt moet horen dat het werk niet snel genoeg opschiet, geeft gaarne ten antwoord: 'Wat meins te waal, ich kan neet hekse.' (10) Als iemand tegenslag ondervindt bij het werk, last hij zich soms mistroostig de uitdrukking ontvallen: 'Ich geluif dat de boel beheks is.' (11)
Van de heksenprocessen en de water- en vuurproef, waaraan vermeende heksen eertijds werden onderworpen, worde hier, als genoegzaam bekend zijnde, slechts terloops gewag gemaakt. In het zuiden van Limburg, dicht bij het dorp Meerssen, is een heuvel bekend onder de naam van de Heksenberg, en in Maastricht wordt nog een straatje gevonden, bekend staande als 'den Heksenhook' (de Heksenhoek).
De uitdrukking 'Ich wol da's te op den Hekseberg zaots,' (12) geldt voor een verwensing in enigszins gematigde vorm. De heks speelt dus in de folklore een belangrijke rol. Wellicht zullen er onder de lezers van dit tijdschrift zijn, die daaromtrent nog meer merkwaardige en belangwekkende mededelingen kunnen verstrekken.

1. Pak je eraf of ik sla je eraf. 2. Daar dan, duivel of kat, je zult eraf. 3. Nu doe het eens weer. 4. Hier hebben de deugnieten vannacht gedanst. 5. Eerst wijwater, anders komen de heksen aan je. 6. Hoor de heksen eens in de lucht juichen. 7. De heksen zijn aan 't sabbat vieren. 8. Tussen 12 en 1 zijn alle heksen op de been. 9. 'n Heks is des duivels rijpaard. 10. Wat meen je wel, ik kan niet toveren. 11. Ik geloof dat de boel betoverd is. 12. Ik wou dat je op de H. zat.

Onderwerp

SINSAG 0601 - Die sprechende Katze    SINSAG 0601 - Die sprechende Katze   

Beschrijving

Vroeger werden kinderen bang gemaakt met schrikverhalen over heksen, bv. dat zwarte katten heksen zijn. Twee mannen zien een kat in een doorgang zitten, slaan ernaar, waarop het beest zegt: "Doe dat nog eens!" Bij een ziek kind werden in het kussen kransjes gevonden en een vrouw uit de buurt beschuldigd de dood van het kind te hebben veroorzaakt. Gezegd wordt dat heksen door de lucht vliegen om naar de sabbat te gaan, dat een kruis van strohalmen op de drempel hen tegenhoudt en dat ze het vee beheksen.

Bron

Willem de Blécourt, Volksverhalen uit Nederlands Limburg, Utr./Antw.1981, 190-194 N°11.4

Motief

G211.1.7 - Witch in form of cat.    G211.1.7 - Witch in form of cat.   

G273.1 - Witch powerless when one makes sign of cross.    G273.1 - Witch powerless when one makes sign of cross.   

B211.1.8 - Speaking cat.    B211.1.8 - Speaking cat.   

G247 - Witches dance.    G247 - Witches dance.   

G263.4 - Witch causes sickness.    G263.4 - Witch causes sickness.   

G265.4.2 - Witch causes illness of animals.    G265.4.2 - Witch causes illness of animals.   

G271.2.2 - Witch exorcised by holy water.    G271.2.2 - Witch exorcised by holy water.   

G265.11* - Person or animal admired by witch becomes ill.    G265.11* - Person or animal admired by witch becomes ill.   

G256* - Witch recognized by placing object at threshold or above door. Witch cannot enter or leave until object is removed.    G256* - Witch recognized by placing object at threshold or above door. Witch cannot enter or leave until object is removed.   

G241.1 - Witch rides on unusual animal.    G241.1 - Witch rides on unusual animal.   

G265.4.1.1* - Witch causes death of cattle.    G265.4.1.1* - Witch causes death of cattle.   

Commentaar

voor 1930
Die sprechende Katze
A. Wehrens, in: Eigen Volk jg. 2 (1930), 211-216

Naam Overig in Tekst

Zuidlimburgse    Zuidlimburgse   

Gansbaan    Gansbaan   

Berg en Terblijt    Berg en Terblijt   

Heksenberg    Heksenberg   

Naam Locatie in Tekst

Meerssen    Meerssen   

Heksenhoek    Heksenhoek   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:22