Hoofdtekst
Seker boeckhouder, die lang sijn meester gedient hadde, wierdt op het lest alles toevertrouwt, selver verscheydene cartas blancas, alsoo de patroon een oudt man was, die schielijck door een overval quam te sterven. Hij scheurde aenstonds al sijn geteyckende blancas, uytgenoomen eene daer hij een obligatie ten bedraege van 100.000 f. op schreef tot sijnen behoeve en ten laste van sijn overleden meester. Hij verbergt de saeck 14 maenden en komt doe met de obligatie ter berde en eysscht de capitaele somma met een vierjaerigen intres (want hij hadde de obligatie sooveel geantidateert); in 't eerste wierdt er om gelacchen, maer doe hij de erfgenaemen voor recht riep was het bang-kijck. Sij allegeerden wel, dat hij doe self niet een stuyver rijck was, en hoe hij dan etc., maer dat was geen bewijs, dienvolgens wierden sij gecondemneert met intres en kosten. De erfgenaemen, hoewel hoopeloos, appelleerden en versochten raedt bij alle advocaeten, maer niemandt kost haer redden. Eyndelijck troffen sij een subtylen geest aen, die de onmogelijckheyt van den penningen wist, derhalven nae de valscheyt socht. Hoe hij keeck en door-keeck, aen de obligatie schorte niet, het was des overledens eygen onderteeckening etc. Maer met veel keeren en wenden, sag hij dat het merck van het papier op dat bladt juyst stondt daer de obligatie opgeschreven was, en sijn cousijn hadde juyst dit papier eerst over 10 maenden beginnen te maecken en met dit merck te tekenen, dat niemandt vóór hem oyt gebruyckt hadde, daer hij klaere blijcken van bragt, soodat de erven triumpheerden, en hij onthoofdt wierde.
Beschrijving
Toen zijn meester overleed, schreef een boekhouder voor zichzelf een blanco cheque uit voor 100.000 gulden. De handtekening van zijn meester stond er al op. Na veertien maanden kwam hij hiermee voor de dag, en eiste het bedrag plus vier jaar rente. De erfgenamen konden niet geloven dat de boekhouder zo'n bedrag zou krijgen en spanden een proces aan. Een hele tijd was er geen oplossing voor het probleem, totdat ze bij een advocaat kwamen die een uitweg zag. Het merk dat op het papier stond, was namelijk nog maar tien maanden in gebruik. Zo konden de erfgenamen winnen en de boekhouder werd onthoofd.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991.
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20