Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

OVER0494

Een mop (boek), derde kwart 17e eeuw

Hoofdtekst

Den advocaet Catshuijsen hadde den advocaet Rocus Molenschot, daer hij tegens pleyte, in sijn pleydoy van eenige vuylicheden beschuldigt, 'twelck Molenschot terstondt liet opteyckenen, en als hij hem compelleerde om sijn seggen te bewijsen, viel Catshuijsen door de mande. Als men seyde dat het Hof sich sulcks, als zijnde een ding van quade consequentie, soude aentrecken ende Catshuijsen daerover straffen, seyde Adriaen Rosa: 'Tut, tut, Catshuijsen sal dat wel op sijn hoornen nemen.'

Beschrijving

Advocaat Catshuijsen beschuldigde advocaat Molenschot in zijn pleidooi van een aantal dingen. De ander liet dit optekenen, en toen hij Catshuijsen om bewijs vroeg viel deze door de mand. Men zei dat het Hof Catshuijsen hier wel over zou straffen, maar Adriaen Rosa zei: "Catshuijsen zal dat wel op zijn hoornen nemen."

Bron

Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991

Commentaar

Derde kwart zeventiende eeuw

Naam Overig in Tekst

Catshuijsen    Catshuijsen   

Rocus Molenschot    Rocus Molenschot   

Adriaen Rosa    Adriaen Rosa   

Naam Locatie in Tekst

Hof    Hof   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20