Hoofdtekst
Een uytnemend gierigaert hadde in sijn jeugd op een kermis vreugd gehadt, maer alsoo hem een juffertje wiert aengeboden voor een schelling, taste hij liever daer toe als bij wat deegs 10 gulden te spendeeren. Hij trock er oock een schoone prijs of twee, die hem op 't lest de pocken, een stinckenden aessem en 't verlies van sijn hoofd toebragten. Evenwel trouwde hem sijn gelt uyt aen een braeve jongedochter van gierige ouders. 's Anderendaegs vroeg iemant de bruydt of het niet playsierig was met een man onder de laeckens te leggen. R. 'Van onder en boven de laeckens weet ick niet te seggen. Het bedde is wel geweest, ick klaeg nergens over als over het 'Hoofd-en-endt.'
Beschrijving
Een gierige man liep door het bezoeken van goedkope hoeren een aantal geslachtsziekten op. Toch slaagde hij er door zijn geld in om te trouwen, maar zijn vrouw vond niet dat ze het getroffen had in bed.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20