Hoofdtekst
Claes, met Jan te gast sijnde, diende de hospes geduyrig voor. 'Ey mijnheer', seyde Jan, 'dient mij niet voor, ick sal wel toe langen, ick eet altoos op mijn gemack.' R. 'Daer schijt ick eens in', seyde Claes.
Beschrijving
Claes is met Jan te gast en laat zijn gastheer voortdurend voedsel opdienen en uitserveren. Jan geeft aan dat de gastheer voor hem geen moeite hoeft te doen, hij pakt zelf wel als hij nodig heeft. Hij eet altijd op zijn gemak (dus op eigen manier, tijd en wijze). Claes zegt daarop dat hij daar zijn behoefte in doet (hier heeft 'gemack' de betekenis van toilet).
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991.
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Naam Overig in Tekst
Claes (Klaas)   
Jan   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
