Hoofdtekst
Een Wael tot Leyden hadde een diamantring gekogt en alsoo hij er geen kennis van hadde, quam bij meester Wijs vraegen of sij niet valsch was. R. 'Waerom souw se valsch sijn? Ick verseecker u dat se fijn is.' R. 's 'Is valsch of se moet niet veel deugen, want te nacht kost ick er het sleutelgat niet vinden, hoe dicht ick met de diamant bijlichte.'
Beschrijving
Een Waal koopt in Leiden een diamanten ring en omdat hij van deze materie niet zoveel verstand heeft, gaat hij naar meester Wijs om die te laten onderzoeken of de ring niet vals is. De meester vraagt hem waarom de ring vals zou moeten zijn. Hij verzekert zijn bezoeker dat de ring echt is. De Waal gelooft het niet. De ring moet vals zijn, of anders deugt hij niet. Vannacht kon hij er het sleutelgat helemaal niet mee vinden, hoe hij ook bijscheen met zijn diamant.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991.
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Naam Overig in Tekst
meester Wijs   
Naam Locatie in Tekst
Wael   
Leyden   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
