Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

DEVOOYS003 - Van enen brueder in welkes hande die kroemen verwandelt weren in peerlen

Een exempel (boek), midden 15e eeuw

Hoofdtekst

Van enen brueder in welkes hande die kroemen verwandelt weren in peerlen.

Het was des cloesters regel dat wanneer die broeders ter tafelen saten ende de maltijt ghedaen was, dat die sorchvoldelike vergaderden ende eten die croemen die van den brocken broedes vielen, op dat sie van dese versumenysse niet schuldich ghevonden en worden voer gode. Ende het gheviel op enen dach dat een broeder, een sorchvoldich bewaerre sijnre consciencien, was sittende ter tafelen mytten anderen broederen. Doe die maeltijt ghedaen was, hielt die croeme die hie naeder ghewoenten vergadert hadde, besloeten in sinre hant, ende myt groeter sueticheit des herten toe hoerde hie totter lexen, meer eer dat hoe soe at, soe waert die lexe haestelike gheeyndet, doe die prioer een teiken gaf. Die broeder verscrickede doe hie tot hem selven quam, ende bekande myt groeten anxte sijne scholt. Wat solde hie nochtans doen? Ten was hem niet gheoerloft wech te werpen noch te eten. In beiden sijden was perikel der onghehoersamheit. Hie hielt sie besloeten in sijne hant, denckende dat dese scholt der versumenysse niet afghewasschen en mochte weerden dan overmids bichte ende penitencie. Doe dan naeder gracien dat teiken des bichtes ghedaen was, toech he den prioer over sijde, ende badt verghifnysse, vallende in sijn aensichte apenbaerende sijne versumenysse myt groeter eenvoldicheit sijns herten. Doe pryoer berispede sijn scholt, alset reden was, ende vraghede wat hie mytten croemen ghedaen hadde. Hie sechde: „Here, hier zijn sie in onser hant". Ende also die pryoer gheboet dat hie sie toenen solde, soe loec hi sijn hant op. Ende sie: in sijnre hant sijn ghevonden voer die croemen die alre costelixste duerbaer ghesteenten. Meer wat wene wij war om wolde die almechtighe god alsoe gloriosen myrakel doen in alsoe cleinen dinghen, dan dattet allen menschen apenbaer solde wesen hoe seer dat hem die broeders behaghen om vergaderinghen, die vuerich sijn van gheeste, die om sijnen anxte wille niet allene myt sorchvoldichheit holden die meeste gheboede, maar oec die mynneste gheboede.

Beschrijving

In het klooster is het de regel dat de broeders na de maaltijd de kruimels verzamelen en nuttigen. Op een dag houdt een broeder de door hem verzamelde kruimels in zijn hand. Hij luistert naar de voordracht van het Heilige Schrift en vergeet de kruimels te eten. Na afloop van de voordracht bekent hij zijn zonde aan de prior. Hij biecht en bidt om vergiffenis, waarop de prior vraagt wat hij met de kruimels gedaan heeft. De broeder vertelt dat hij deze nog in zijn hand heeft. Wanneer hij zijn hand opent, blijken de kruimels veranderd te zijn in kostbaar gesteente. De Heer verricht ook kleine wonderen voor degenen die hem dienen.

Bron

De Vooys, C.G.N., Middelnederlandse stichtelijke exempelen, Zwolle 1953, pagina 4-5

Commentaar

midden 15de eeuw
Exordium magnum ordinis Cisterciensis bevat verhalen over het leven en sterven van de monniken onder de eerste acht abten van de abdij van Clairvaux. Dit is geschreven door Koenraad van Eberbach (overleden in 1221). Het werk is grotendeels ontleend aan het Liber miraculorum en het Exordium parvum, de Vita prima sancti Bernardi van Herbert van Clairvaux. In de 15de eeuw kreeg het werk grote bekendheid. Het Exordium magnum ordinis Cisterciensis is twee keer volledig in het Middelnederlands vertaald. De oudste van die vertalingen "Een vertellinghe vanden beghinsele der ordenen van cistiaus" dateert uit 1457 en is afkomstig uit de Zuidelijke Nederlanden (België). (Bron: http://dbnl.org/tekst/desc001midd01/desc001midd01_070.htm)

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20