Hoofdtekst
Een exempel. Het was een ionghelinc, die soude des nachts tot sijnre amiën gaen. Doe quam hi op een water, daer ghinc een brugghe over, die was te broken. Doe quam daer een man ghereden op een swart peert, ende vraechde hem waer hi woude. Die ander sprac: ,,Ic waer gheern over". Doe sprac hi tot hem: „Sittet after mi op; ic sal di oever voeren". Doe sat die ionghelinc op, ende die ander spranc neder int water mitten peerde, ende verdrencte den ionghelinc. Doe was daer ziel ende lijf verloren om der oncuyscheit wille.
Beschrijving
Een jonge man wil 's nachts bij zijn geliefde langs gaan. Hij komt echter bij een rivier die hij door een kapotte brug niet over kan steken. Een man op een paard biedt hem een lift op zijn paard zijn, maar zodra de jongen zit springt de man met het paard in het water en verdrinkt de jongen. Lichaam en ziel gingen zo verloren door een moment van onkuisheid.
Bron
De Vooys, C.G.N., Middelnederlandse stichtelijke exempelen, Zwolle 1953, pagina 20
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20