Hoofdtekst
Exempel. Het was een ioncfrouwe die was soe cleenlic, dat si wellust zocht waer dat si mocht. Haer camer ende hoer bedde dat moestmen bestroyen mit rosen ende mit bloemen, ende alle haer cleder gaven zueten roeke. Ende si en mochte niet liden datter enich arme mensche beneven hoer henen ghinc. Hoer docht dat si hoer aen stoncken. Si en woude oec niet baden dan in douwe water; dat moestmen des nachts vanghen mit witten lakene. Daer na soe plaechdense onse lieve here, also dat si ziec wert ende stand so vuyle ende was so onreyne, dat nycment bi hoer bliven en mocht. Alle hoer magheden ende al hoer ghesinde vloeghen van hoer, ende also starf si iamerlike.
Beschrijving
Er was eens een jonkvrouw die zeer rein was en vreugde zocht waar dat maar kon. Haar kamer en bed moesten bestrooid worden met rozen en bloemen en aan haar kleren hing een zoete geur. Arme mensen wilde ze niet in de buurt hebben, omdat ze volgens haar zouden stinken en baden deed ze alleen in dauwwater. Hierop strafte de Heer haar en werd ze ziek. Ze was zo vuil en onrein en stonk zo erg dat iedereen haar verliet. Uiteindelijk sterft ze.
Bron
De Vooys, C.G.N., Middelnederlandse stichtelijke exempelen, Zwolle 1953, pagina 23
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20